Zes CLO-lidbonden niet eens met kwestie vervroegd pensioen

Een initiatiefgroep van zes lidbonden van de Centrale van Landsdienaren Organisaties (CLO), heeft een brief gestuurd naar het hoofdbestuur van de CLO, waar zij aangeeft dat de stap die regering wil maken om ambtenaren op vrijwillige basis de overheidsdienst te laten beëindigen zwaar op de maag ligt.
De besturen van de lidbonden en hun leden kunnen zich niet verenigen met de zienswijze van de regering, in deze het ministerie van Binnenlandse Zaken. Ze zijn ervan overtuigd dat de overheid zich op een slinkse wijze wil ontdoen van ambtenaren en biedt hun zogenaamd de mogelijkheid om te mogen vertrekken zonder wettelijke grondslag. Dit is de reden van de bondsleden om hun respectievelijke bonden te vragen om via het hoofdbestuur van de CLO in conclaaf te treden met de minister van Binnenlandse Zaken en de regering.
De leden zijn niet content met de gang van zaken binnen hun eigen ministerie. Het gaat om hun rechtspositionele zaken en dan komt de overheid nu met een soort afvloeiingsregeling die op vrijwillige basis is. De besturen van enkele lidbonden hebben dan een brief gericht aan het hoofdbestuur om zijn invloed aan te wenden bij de regering.
Verder geven zij aan dat het overeengekomen akkoord van 25 procent voor het jaar 2022 tussen de CLO en de overheid verder besproken moet worden met de regering. Ook de achterstallige vakantiegelden moeten uiteindelijk uitbetaald worden aan de ambtenaren. De toelagen die jarenlang reeds achterhaald zijn, moeten weer bespreekbaar gemaakt worden en de verhogingen daarop. De lidbonden kijken reikhalzend uit naar het voorgestelde aan het hoofdbestuur van de CLO.