Uit de as verrezen Assembleegebouw in gebruik genomen

Assembleevoorzitter Marinus Bee wandelt trots door de gangen van het nieuwe Assembleegebouw. Hij en het personeel feliciteren elkaar. Na 26 jaar en 6 maanden is De Nationale Assemblee eindelijk weer thuis. Vrijdag heeft zij de vernieuwde panden – op 1 augustus 1996 zijn de gebouwen van De Nationale Assemblee, het ministerie van Algemene Zaken en van een technische dienst, afgebrand en pas na 25 jaar herbouwd- officieel in gebruik genomen. De openbare vergaderingen worden nog in het oude gebouw gehouden, omdat een vergaderzaal nog gebouwd moet worden.Na de brand heeft het parlement zich op verschillende adressen gehuisvest, de laatste is nu aan de Waterkant. Pas in 2019 zijn, mede door inzet van ex Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons, de Paramaribo Urban Rehabilitation Program (PURP), de IDB, 23th MCC of Minmetals uit China en het ministerie van Onderwijs en Cultuur,  concrete stappen gezet om de oude locatie in glorie te herstellen.  Het project heeft US$ 3.5 miljoen gekost.Tijdens de toespraken is benadrukt hoe belangrijk het is dat de volksvertegenwoordiging een eigen onderkomen heeft. In het nieuwe gebouw zullen administratieve en technische werkzaamheden plaatsvinden. Er is wel ruimte voor de kleinere vergaderingen van commissies.  Assembleevoorzitter Bee heeft bij de ingebruikname een groep ‘stonfutu’s’ bedacht met een award en een enveloppe voor hun excellente inzet. Hij heeft ook een eigen logo voor de Assemblee, het  Strategisch Beleidsplan 2022-2026 en de Ethische Gedragscodes en Kledingvoorschriften voor het Assembleepersoneel, gepresenteerd. President Chan Santokhi  is onder de indruk van de gedragscodes voor het Assembleepersoneel. “Het is niet alleen een gebouw dat zorgt voor de uitstraling naar de samenleving,” merkt hij op. “Ook de medewerkers moeten bijdragen aan de uitstraling. Ik hoop ook dat De Nationale Assemblee zo snel mogelijk een code kan ontwikkelen voor DNA-leden, zodat ook vanuit dat deel van de Assemblee een professionele houding gepresenteerd wordt. Dat is wat het volk van de vertegenwoordigers wil.”