Wordt de Corantijn te grabbel gegooid door drang naar prestige?

De eigen Surinaamse behoeften en belangen moeten de prioriteiten in het beleid van de regering van Suriname bepalen, en geen drang naar prestige. Bij de belofte ‘we gaan een brug over de Corantijnrivier bouwen’ lijkt partijpolitieke overwegingen en prestige bepalend te zijn.

Hierbij rijzen dan een heleboel vragen zoals, hoe wordt het Surinaams belang gediend door met voorrang deze brug te bouwen? Als Guyana met de helft van de kosten van de bouw gaat inkomen, schuilt daar niet het gevaar dat een gewoonterecht ontstaat waardoor Suriname haar eigen rechten op de grensrivier verliest? Guyana zal namelijk de loop van de grens kunnen betwisten met het argument dat Suriname toegestaan heeft dat Guyana ook beheersdaden mag uitvoeren op de Corantijn. En hoe moeten we het plaatsen van de nationale vlaggen over en weer op elkaars grondgebieden zien in dit kader? Welke verregaande afspraken zijn intussen al gemaakt over de bouw en de financiering zonder dat we goed hebben nagedacht over de gevolgen daarvan? En wat willen we precies bereiken met de bouw van deze brug?
Een voorgaande Surinaamse regering heeft al de fout gemaakt om niet voldoende serieus om te gaan met het proces dat door Guyana was aangespannen om de zeegrens met Suriname te bepalen.. Suriname is daardoor een groot stuk gebied op zee kwijtgeraakt waar nu veel olie is ontdekt. Ook deze regering lijkt die kant op te gaan. De PALU is er daarom erg mee ingenomen dat allerlei deskundigen hun stem hebben laten horen. Maar gegeven de dadendrang van de regering, hoeveel tijd hebben we nog?
De Corantijnrivier is in zijn geheel van Suriname. Dit betekent dat alle kosten voor beheersactiviteiten op de rivier voor rekening van Suriname zijn. Zo ook dus de kosten van de veerverbinding tussen beide landen. Alle kosten van de veerboot Canawaima inclusief de bemanning die deze verbinding onderhoudt, zijn voor rekening van Suriname. Slechts de kosten aan de andere Guyanese zijde voor de aan- en afvoer van passagiers en voertuigen zijn voor de Guyanese regering. Zo zal dat ook moeten zijn voor een eventuele brug over de Corantijnrivier. Zowel de kosten van aanleg als de onderhoudskosten van de brug zullen door Suriname moeten worden betaald. Slechts het bruggenhoofd en het onderhoud daarvan aan de andere zijde is voor rekening van Guyana.
De Guyanese regering heeft kennelijk wel goed nagedacht wat hun belangen zijn. Hun medewerking aan het verzoek van de Surinaamse regering in een vroeg stadium van de bouw getuigt dat, maar roept ook vragen op. In het geval waar Suriname ooit Guyanese medewerking vroeg voor de bouw van een dam in de Kabalebo rivier omdat die de waterstand in de Corantijn zou beïnvloeden, kreeg Suriname nul op het rekwest. De drang naar prestige weerhoudt de Surinaamse regering ervan om kritisch te kijken naar het waarom ervan dat Guyana zo snel heeft besloten om hieraan haar medewerking te verlenen. Of zijn er reeds vergaande toezeggingen gedaan van de zijde van de Surinaamse regering? Is dat de reden waarom Suriname niet wil praten over Tigri?
Guyana heeft kennelijk wel haar huiswerk gemaakt als het om hun belangen gaat. Inmiddels bestaat de Guyanese verbindingsweg naar Noord-Brazilië al jaren en is ook in trek bij Surinaamse avonturiers en toeristen. De Surinaamse beleidsmakers kunnen voor wat dat betreft in leer gaan bij onze buren. De PALU is een voorstander van een nationale mobilisatie van Surinaamse deskundigen om kritisch te kijken naar het voorgenomen plan om een brug over de Corantijn rivier te bouwen. Ook liggen er talrijke mogelijkheden voor financiering voor de kosten van de brug door Suriname. Daarvoor is bij de Surinaamse beleidsmakers wel het besef nodig dat bij alle buitenlandse betrekkingen en relaties het nationale Surinaamse belang voorrang heeft. Partijpolitieke argumenten als prestige passen daar niet in.

Share this:

Gerelateerd