Weinig draagvlak voor US dollar-repatriatiemaatregel overheid

31/12/2020 00:00 – Wilfred Leeuwin

Swami Girdhari vindt het jammer dat president Santokhi maandag een ‘agressieve’ toon aansloeg in zijn taalgebruik en de schuld van het wisselkoersprobleem legde bij de ondernemers.  
PARAMARIBO – Er is weinig tot helemaal geen draagvlak voor de aankomende maatregel van de regering die vanaf januari 2021 exporteurs verplicht 30 procent van hun US dollar-omzet in te wisselen tegen de unificatiekoers van de Centrale Bank van Suriname (CBvS). De maatregel is maandag aangekondigd door president Chandrikapersad Santohki. “Dit is een vorm van gelegaliseerde diefstal”, vindt Swami Girdhari van de Vereniging van Exporteurs van Agrarische Producten in Suriname (VEAPS) in gesprek met de Ware Tijd.
Voor voorzitter Wilgo Bilkerdijk van de Associatie van Surinaamse Fabrikanten (Asfa) is de maatregel misschien wel goed bedoeld, maar zal ze in de praktijk niet werken. “Het is niet duidelijk welk deel van je omzet geconverteerd moet worden en anderzijds is er geen garantie dat je eigen valuta die je niet omwisselt naar SRD wel veilig is bij de banken op een persoonlijke rekening.”
Volgens ondernemer Arun Hindori, woordvoerder van het Platform van Levensmiddelenimporteurs in Suriname (Plis), is er voor de importeurs geen direct gevaar met deze maatregel. Wel wijst hij na met exporteurs te hebben gesproken erop dat het omwisselen van exportdollars tegen een Centrale Bank-koers van SRD 14,29 simpelweg betekent “dat je verlies lijdt wanneer die wordt afgezet tegen de vrije koers die veel hoger ligt”. “Je krijgt dus minder SRD’s voor elke US dollar die je binnenhaalt. Op die manier wordt de druk op exportsectoren zoals de visserij, hout en rijst nog hoger en loopt je de kans dat deze kapot gaan.”
Volgens Girdhari en Bilkerdijk was dit precies het heikel punt die de verschillende sectoren hadden bij de aangekondigde ‘valutawet’ onder de vorige regering. Toen werd geëist dat exporteurs 60 procent van hun omzet aan exportdollars moesten omzetten tegen een Centrale Bank-koers van SRD 7,52 terwijl de vrije koers SRD 14 bedroeg. “De nieuwe Santokhi-regel en straks ook wet heeft precies hetzelfde waartegen wij waren”, stelt Girdhari.
Over deze nieuwe maatregel zijn de verschillende sectoren niet geconsulteerd. “Ik weet niet met wie de regering heeft gesproken maar wij van de Asfa zijn niet geconsulteerd”, geeft Bilkerdijk aan. Diezelfde klacht hebben ook de exporteurs binnen de VEAPS. “Het meest belangrijke is dat de overheid met de sectoren moet praten voordat zo een beslissing wordt genomen. Dit is een schandelijke fout die een overheid die transparantie voorstaat niet mag maken”, vindt Hindori.
Bilkerdijk zegt dat in feite in de regel het vrij normaal zou moeten zijn dat exporteurs zelf hun totale exportvaluta naar Suriname brengen en het omzetten naar SRD of een deel daarvan. Echter, in één adem wordt erop gewezen dat de exporteurs geen enkele garantie hebben om op een normale manier aan valuta te komen of om hun eigen dollars te beheren. “Het is een verworven recht om geld op een rekening te mogen hebben in het buitenland. Dat is ingezet in de periode van André Telting. In Suriname hebben we al gezien wat er is gebeurd met de kasreserves die van de valutaverdieners was. Het geld was niet veilig bij de banken en later ook niet bij de Centrale Bank. Het is hierdoor dan ook begrijpelijk dat mensen door hun geld in het buitenland te houden een eigen veiligheidsklep inbouwen voor wanneer zij exporten moeten doen en valuta nodig hebben.”
Girdhari denkt dat wanneer banken de vrijheid hebben om ook de straatkoers te hanteren veel personen en bedrijven gewoon via de banken hun valuta zullen wisselen. “Dit kan betekenen dat de koers wellicht kan gaan dalen. Wanneer nu exporteurs minder SRD’s krijgen voor hun valuta betekent dit een lagere omzet en lagere winst en verhoging van de kosten. Dit is zeer ongunstig voor de concurrentiepositie van de agrarische exporteurs en werkt contraproductief”, zegt Girdhari. Hij vindt het jammer dat de regering een agressieve toon aanslaat in haar taalgebruik en de schuld van het probleem legt bij de ondernemers.
Volgens Hindori worden in tegenstelling tot wat president Santokhi maandag op de persconferentie zei, overmakingen van importeurs, in elk geval de bonafide, wel vanuit Suriname gedaan of via wettige inkoopkantoren. “Het enige is dat zij hun US dollars op de vrije markt moeten aanschaffen.” Hindori legt uit dat op basis van compliance zeker de twee grote exportlanden, de Verenigde Staten en Nederland, niet accepteren dat een derde partij betalingen doet voor importeurs waarvan de relatie niet duidelijk is.
  Tweet
 

………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname