‘Goed of slecht, je kunt de geschiedenis niet uitwissen’
Terwijl de zon hoog aan de hemel staat, zorgen de bomen op de Cassiporakreek-begraafplaats voor schaduw. Op de eeuwen oude begraafplaats zijn een twintigtal vrijwilligers dinsdag bezig met schoonmaak en onderhoud. Eén van hen blaast met een blower bladeren van enkele graven, waarna anderen de dorre bladeren bijeen harken op een groot zeil, om ze uiteindelijk ver van de grafzerken te dumpen. Een enkeling kapt met een houwer een omgevallen boom op een graf in stukken.
Tekst en beeld Audry Wajwakana
Stephen Fokké, secretaris van stichting Jodensavanne, leidt de Ware Tijd langs enkele graven, waar hij ook zelf schoonmaakt. Grafstenen worden stukje bij beetje weer zichtbaar en hij wijst op de eeuwenoude inscripties. Op een steen staat de naam Abigail, op een ander Abraham da Costa.
“Ik heb veel geleerd over de geschiedenis en de verhalen die je normaal niet op school hoort”Ralitsa van Ritter
Sommige zerken dragen bijzondere symboliek: een doodskop gecombineerd met een zandloper, neerwaarts gerichte fakkels, opengehouden handen. “Allemaal symbolen van de dood”, legt Fokké uit. Met zijn hand strijkt hij over het verweerde oppervlak. “Dit hier is marmer. Kwetsbaarder dan graniet. Je moet voorzichtig zijn, want de tand des tijds werkt hard”, zegt hij glimlachend.
Jong en oud werken mee
De Archeologische Vrijwilligersweek, die dit jaar van 25 tot en met 30 augustus voor de derde keer plaatsvond, bracht jongeren en ouderen samen om te helpen bij het behoud van het Unesco-werelderfgoed. Op maandag werkten de deelnemers uit Paramaribo en Redi Doti aan het schoonmaken en conserveren van de fundering van het ‘huis van De Meza’, vlak bij de ruïnes van de Joodse synagoge. Voorafgaand bezochten ze Jodensavanne en de oude militaire post, waar ze uitleg kregen over de historische betekenis van deze locaties.
Dinsdag stond op programma de ‘Cassiporakreek-begraafplaats’, de eerste nederzetting van de Joodse gemeenschap in Suriname in de achttiende eeuw. Het enige tastbare restant uit die periode is de oude begraafplaats. “De houten synagoge die hier stond, is lang geleden afgebrand. Toch bleven mensen hier begraven, vooral ouderen of mensen die er bewust voor kozen hier hun laatste rustplaats te vinden”, vertelt Fokké. “In de archieven staat zelfs vermeld dat er een beheerder was die de begraafplaats onderhield.”
Woensdag werkte de groep op de Creoolse begraafplaats, waar grafpalen en -stenen werden schoongemaakt en behandeld. “Je kan niet alles in één jaar doen, dus pakken we telkens een deel aan. Zo blijft het erfgoed behouden”, licht hij toe.
Donderdag en vrijdag richtten de vrijwilligers zich op opgravingen van het kookhuis van De Meza. Vrijdag sloot een klein team van de Nederlandse ambassade, de hoofdsponsor van de week, zich aan. Op de laatste dag wordt de Joodse begraafplaats ‘Beth Haim’ onder handen genomen.
Herinnering en bezinning
Veel grafstenen op de ‘Cassiporakreek-begraafplaats’ zijn bedekt door zand, bladeren en boomwortels. In de jaren negentig werden ruim tweehonderd graven geteld. “De meeste stenen zijn nu weer bedekt. Het gaat hier snel, met humus en vegetatie. Zonder onderhoud neemt de natuur de plek letterlijk over. Soms groeien bomen dwars door grafstenen heen”, zegt Fokké, terwijl hij naar een omgevallen boom wijst die gevaarlijk dicht bij een graf ligt. Bomen die omvallen behoren tot de grote uitdagingen van de stichting, omdat ze enorme schade kunnen aanrichten.
Voor de stichting is de vrijwilligersweek meer dan alleen onderhoud. Het is een manier om jongeren bewust te maken van het belang van erfgoed. “Je hoeft geen speciale vaardigheden te hebben, alleen respect en een gevoel voor geschiedenis. Als je hier voor het eerst komt, zie je niet eens dat het een begraafplaats is. Het besef dat er tweehonderd graven hier liggen, maakt indruk. Jongeren die dat zien, begrijpen beter waarom het behouden moet worden.”
Behoud van erfgoed is volgens Fokké een kwestie van collectief geheugen. “De Joden speelden een grote rol in onze geschiedenis. Goed of slecht, je kunt dat niet uitwissen. Kijk naar Fort Elmina in Ghana: daar werden slaven verhandeld, maar het is nu een plek van herinnering en bezinning. Zo moeten wij ook met onze historische plekken omgaan. Als je ze bulldozert om plaats te maken voor ‘modernisering’, wat win je dan? Een stad met wolkenkrabbers zonder ziel?” vraagt Fokké zich af.
Dubbel gevoel
Dimitri Wijngaarde, deelnemer aan de vrijwilligersweek, doet voor het eerst mee en vindt het proces bijzonder. “Je leert over de geschiedenis van de plek en tegelijk om praktisch bezig te zijn met het behoud ervan”, zegt hij. Hoewel hij een ICT- en bedrijfskunde achtergrond heeft, met een rechtenstudie in het vooruitzicht, voelt hij zich sterk verbonden met geschiedenis. “Ik hou ervan om me met erfgoed bezig te houden en een bijdrage te leveren. Daarom ben ik hier.”
Aan zijn familienaam weet hij dat hij ook Joodse wortels heeft. “Het is vreemd om je te realiseren dat sommige van je voorouders slaveneigenaren en tot slaaf gemaakten waren. Je probeert je voor te stellen hoe het moet zijn geweest: een wereld van onderdrukking, maar waarin zijzelf ook vrijheid kenden. Dat is een dubbel gevoel. Je kan ze niet idealiseren, maar je kan wel leren van hun fouten, zodat wij het beter doen”, zegt hij.
“Zonder onderhoud neemt de natuur de plek letterlijk over. Soms groeien bomen dwars door grafstenen heen”Stephen Fokké
Ook Ralitsa van Ritter doet dit jaar voor het eerst mee. Tijdens een korte pauze vertelt ze over de afgelopen twee dagen. “Het is luchtiger dan ik dacht. Men zei: ‘bereid je voor op zwaar werk in de zon, blijf gehydrateerd’. Maar omdat je in een team werkt, gaat het sneller dan verwacht. Ik heb veel geleerd over de geschiedenis en de verhalen die je normaal niet op school hoort”, zegt ze.
Dat Van Ritter Joodse roots heeft was één van haar redenen om mee te doen. “Ik ben even naar het graf van mijn voorouders gegaan, heb mijn respect getoond en een steentje gelegd”, zegt ze. Naast haar persoonlijke band sluit haar deelname aan bij haar studie sociaal-cultureel vormingswerk aan de AHKCO. “Ik ben geïnteresseerd in cultureel erfgoed en in hoe bevolkingsgroepen vroeger met elkaar omgingen. Sommige dingen zijn verwaterd, andere zijn gebleven. Hier leer je dat direct in het veld”, benadrukt ze. Met korte video’s die ze deze week via social media verspreidt, wil ze andere jongeren enthousiasmeren om volgend jaar deel te nemen.
Stephen Fokké geeft wat uitleg over de graven die hij heeft schoongemaakt.
- Veertigplusser aangehouden met acht kilogram marihuana..
- Geslaagden IHTC in het zonnetje gezet..
- Oplossing voor dak- en thuislozen Wanica Ziekenhuis in zich…..
- ‘Bugru’ pleegt heiligschennis..
- Jeugdig trio berooft taxichauffeur van telefoon..
- Lona Annemarie Zaalblok (50) Paramaribo 19-8-2025..
- Cornelly Esther Watson (81) Paramaribo 24-8-2025..
- Politiebericht over aanhouding Regilio Dodson..
- Siebrano Pique keert ABOP de rug toe: “Ik wil als Surinamer…..
- Viering 80 jaar onafhankelijkheid Indonesië in Suriname: ‘W…..
- Illegale sigarettensmokkel en corruptie leiden tot uitgebre…..
- Ex-minister Dodson verdacht van poging doodslag, openlijke …..
- GBB-minister Soeropawiro: Speciale taskforce onderzoekt gro…..
- Reyme wijst op kritische geluiden rond voordracht enkele dc…..
- RvC SLM presenteert binnenkort bevindingen aan president en…..
- Vrouwencoöperatie Pierre Kondre versterkt ananasverwerking …..
- Vrouwencoöperatie in Pierre Kondre versterkt ananasverwerki…..
- Nederlandse koning komt misschien naar Suriname..
- Oud-minister Dodson meldt zich met advocaat bij politie na ….
- Simons: ‘ordening en aanpak goudsector enorm complex’..
- Training serienummerrestauratie vuurwapens gestart..