Valse beloften

PRESIDENT CHANDRIKAPERSAD SANTOKHI zal donderdag (vandaag), precies drie jaar na de laatste verkiezingen, tijdens een persconferentie een actieplan presenteren. Het is de bedoeling dat dit plan het startsein is voor alles wat hij en zijn regering ‘in de tweede helft’ nog willen nastreven in de tijd die nog rest tot de volgende verkiezingen.

Deze aankondiging is bij het overgrote deel van de samenleving met heel veel argwaan ontvangen. Niet in de laatste plaats omdat de tweede helft al maanden geleden is gestart. Want de regering zit al 34 maanden in het zadel en heeft nog maar 24 maanden om het actieplan uit te voeren. Dus die tweede helft duurt tien maanden korter dan de eerste, waarin de regering ook erg weinig heeft weten te bereiken.

Het zou beter zijn geweest als Santokhi na zijn aantreden in juli 2020 met heldere en haalbare doelen was gekomenMaar het is inmiddels bekend dat de leiders het niet zo nauw nemen met de waarheid. Deze regering heeft volgens velen in de samenleving in de eerste helft vooral uitgeblonken in het doen van beloften die niet of slechts gedeeltelijk zijn nagekomen. De lijst van voorbeelden is oneindig lang, met als meest recente voorbeeld de maandelijkse koopkrachtversterking van SRD 1.800, die vanaf januari zou worden uitgekeerd en waar tienduizenden mensen nog altijd reikhalzend naar uitkijken.

Slechts enkele duizenden mensen, die al stonden geregistreerd bij het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, hebben dat geld ontvangen. Minister Uraiqit Ramsaran beweerde afgelopen week dat tienduizenden andere verzoeken al zijn gehonoreerd, maar feit is dat de ondersteuning veel later wordt uitbetaald dan is beloofd en dat heel veel mensen buiten de boot vallen.

Een maand geleden verzekerde Santokhi dat hij er persoonlijk op zou toezien dat de aanvragen met de grootste spoed zouden worden afgehandeld, maar ook dat bleek grootspraak. Het enige dat het staatshoofd heeft gedaan, is een presidentiële commissie in het leven roepen – bestaande uit vooral partijgenoten en vertrouwelingen – die de staatskas weer veel geld kost en hetzelfde moet doen als de ambtenaren bij Sozavo. Maar van enige voortgang in de betaling van de koopkrachtversterking lijkt nog altijd geen sprake.

Iedereen vraagt zich af waarom de president nu opeens een actieplan gaat presenteren. Het zou beter zijn geweest als hij na zijn aantreden in juli 2020 met heldere en haalbare doelen was gekomen in plaats van met alle veel te optimistische verhalen waarmee het volk vreselijk op het verkeerde been werd gezet, zo niet bedrogen. En of dat actieplan – waar de komende tijd ongetwijfeld nog heel veel over gaat worden gediscussieerd voordat het ten uitvoer wordt gebracht – ook daadwerkelijk wat zal veranderen aan het tot nu toe rammelende regeringsbeleid en vooral de leefsituatie van veel tot wanhoop gedreven Surinamers. Want aan mooie plannen, fraaie praatjes en loze beloften heeft de samenleving totaal geen behoefte meer. Zij wil een daadkrachtige regering die haar levensstandaard weer tot een aanvaardbaar niveau zal opkrikken.