Tweede onderzoek Staat van het Nederlands gestart

06/11/2020 22:45 – Euritha Tjan A Way

 
PARAMARIBO – Het assembleelid Fogatie Aserie is al enkele dagen onderwerp van gesprek in de gemeenschap. Zijn gebruik van het Nederlands in De Nationale Assemblee (DNA) om een valide ontwikkeling in het binnenland te bepleiten, zorgde voor gemengde reacties. Maar hoe gaan we om met het Nederlands in een meertalige samenleving en hoe zorgen we met beleid ervoor dat het bestendigen van de ene taal niet ten koste gaat van de andere?
De Nederlandse taal; Suriname heeft er een haat-liefde relatie mee. Als taal van de kolonisator is lange tijd weinig met het Nederlands gebeurd. De tot slaafgemaakten mochten de taal niet spreken en op termijn werd het Sranan hun lingua franca. De marrons hebben in het binnenland hun eigen talen gecultiveerd, de Hindostanen en Javanen idem. Het talenpallet werd in recente jaren uitgebreid met Portugees, Spaans en Frans. Zie daar als beleidsmaker eens beleid op los te laten, zonder op (lange) tenen te trappen. Maar niets doen is geen optie. Zeker nu in Suriname voor de tweede keer het onderzoek ‘De Staat van het Nederlands’ van start gaat.
Sita Patadien is ingenomen met het feit dat er basisdata ter beschikking zijn om beleid te maken dat te maken heeft met taal in Suriname en om verder onderzoek te doen. “Het onderzoek ‘De Staat van het Nederlands’ is begin oktober in Nederland, Suriname en Vlaanderen begonnen. De enquête kan ook online worden ingevuld en is zeer belangrijk voor ons als gemeenschap”, zegt Patadien. Zij heeft een mastergraad Nederlandse Taal en Cultuur en is projectleider van De Staat van het Nederlands, een project dat de Taalunie financiert. “In 2018 was voor Suriname de nulmeting, dus we zullen pas na dit onderzoek, dat dus voor de tweede maal wordt gehouden, vergelijkingen kunnen maken”, zegt Patadien.
Ze pleit er wel voor dat de overheid in vervolgonderzoeken beleid kan maken dat invloed heeft op hoe er in Suriname met de talen wordt omgegaan die worden gesproken, de meertaligheid dus. “We moeten het Nederlands wel gaan omarmen als deel van ons, als onze taal. Daarnaast moeten we het Surinaams-Nederlands gaan standaardiseren, want dat is van ons. We moeten breed de discussie gaan voeren over wat nou het Surinaams-Nederlands is, wat fout Nederlands is en hoe wij die taal willen gaan gebruiken”, zegt Patadien. Ook de grammatica en spelling moeten vastgesteld worden.
Tijdens lessen Nederlands op het Instituut voor de Opleiding van Leraren, waar Patadien tot voor kort aan verbonden was, zijn vele zaken de Nederlandse taal rakende besproken. “We hebben bijvoorbeeld ook de discussie gevoerd over het bezigen van het Nederlands in DNA. We zien dat sommige parlementariërs kiezen voor de taal waarin zij zich comfortabel voelen en dat het gedoogd wordt. Maar dat geldt dan voor hen en hun positie of functie. Het geldt niet voor de hele samenleving. Want ontwikkelingsniveau en scholing worden opgehangen aan de beheersing van het Nederlands. Als je in het zakenleven succes wil boeken zal het Nederlands vaak de taal zijn die je zou moeten beheersen”, legt Patadien uit.
Dat er enkele mensen hebben aangegeven tijdens de eerste enquête in 2018 dat Nederlands geen noodzaak is bij het verkrijgen van een baan, heeft volgens haar te maken met het lage opleidingsniveau in Suriname. “Maar 3 procent van Suriname heeft een hbo-opleiding. Dat is bedroevend weinig. Maar als je een hoge functie wil die niet met politiek te maken heeft, zal je kennis van het Nederlands ook van belang zijn.” Toch is zij niet ervan overtuigd dat kinderen meertalig opvoeden van invloed is op het bezigen van één of meerdere talen die ze gebruiken. “Er is geen onderzoek dat dat bevestigt. Het is wel van belang dat het kind de talen dan op een hoog niveau aangeboden krijgt. Maar in Suriname zien we juist vaak dat de kinderen misschien meerder talen aangeboden krijgen, maar dat de omgeving die talen slecht beheerst. Dan zal het kind de beide talen ook slecht beheersen. Meertaligheid zorgt wel ervoor dat het kind cognitief sterker wordt, want het is met meerdere processen in het hoofd bezig wanneer het van de ene naar de andere taal overgaat”, zegt Patadien.
Tijdens de nulmeting is trouwens gebleken dat steeds meer ouders hun kinderen in het Nederlands opvoeden. Dat heeft voor- en nadelen. Een voordeel is dat het de positie van het Nederlands bestendigt, maar het kan ook betekenen dat er sprake zal zijn van taalverlies. “Er moet dan ook verder onderzocht worden wat de functie is van de talen die verdwijnen. Want als het om etnische talen gaat, dus talen waar groepen hun identiteit aan ontleden, zou er beleid gemaakt kunnen worden om die taal die verloren dreigt te gaan … ………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname