Suriname moet inhaalslag maken in onderwijs

03/11/2020 18:03 – Arjen Stikvoort

Orthopedagoog Manon Sanches. : Focus  
PARAMARIBO – De eerste maand van het nieuwe schooljaar zit er op. De meeste leerlingen volgen het zogenaamde ‘blended’ onderwijs; een lesmethode die onlineonderwijs combineert met leren in de klas. Sinds de coronacrisis, waarbij scholen maanden waren gesloten, combineren veel scholen de twee typen onderwijs. Echter, dat gaat niet voor iedereen makkelijk, omdat basisfaciliteiten zoals (goede kwaliteit) internet en 24-uurs stroomvoorziening en/of een mobiele telefoon ontbreken. Vooral kinderen in het binnenland zijn hiervan de dupe.
Orthopedagoog Manon Sanches onderschrijft dit laatste in gesprek met de Ware Tijd. Voor het afstandsonderwijs moeten veel kinderen vaak terugvallen op het mobiel van een ouder. “Daarnaast moeten alle scholen meewerken aan afstandsonderwijs om dit betrekkelijk nieuwe systeem te doen slagen.”
Thuisonderwijs vergt ook zelfdiscipline. “Voor muloleerlingen tussen de twaalf en zestien jaar is dit bijzonder moeilijk op te brengen. Ze missen de competitie, het makkelijk vragen kunnen stellen, het klassikale waarin je met z’n allen leert.” Onlinestudie is vrij eenzaam en gericht op eenrichtingsverkeer. “Maar het is ook afhankelijk van de leerkracht. Sommigen van hen stoppen er veel tijd in en sturen de leerlingen lesmateriaal via WhatsApp of maken een YouTube-filmpje.”
Onderwijsdeskundige Romano Morsen is positief over het gecombineerd leren. “Internationaal en regionaal loopt Suriname zo’n dertig tot veertig jaar achter met onderwijs. Bij digitaal onderwijs moeten we een enorme inhaalslag maken. De Covid-19-situatie heeft ons gedwongen die kant op te gaan.” Dat wordt een uitdaging voor zowel leerlingen/studenten, docenten als ouders zegt Morsen. “Want wij komen uit een tijdperk van de schoolbanken. Het digitale onderwijs was toen onbekend.”
De onderwijsmensen moeten de studenten en leerlingen de vaardigheden aanleren om aan “zelfvermogend” leren te doen. “We moeten bij de doelgroep dit zelfregulerend vermogen activeren, met de docent als coach. Er is geen tijd te verliezen om de jonge generatie klaar te stomen voor de nieuwe digitale wereld. Deze digitale skills pakken ze snel op omdat het brein nog jong is”, meent hij.
Aan zelfdiscipline ontbreekt het Alisa Doelkarim, leerling van de zesde klas van het Mr. Dr. J. C de Miranda Lyceum niet. Voor haar is afstandsonderwijs een uitkomst. “Ik word er juist heel erg gemotiveerd van. Thuis kan ik me goed concentreren; ik leer al ’s ochtend vroeg mijn lessen en volg vervolgens onlineles.”
Een dag op school vindt ze vermoeiend. “Dan ben je al moe als je thuiskomt en heb je geen zin meer in huiswerk.” Doelkarim vertelt dat de instelling verschilt per leerling. “Er zijn kinderen die minder zelfdiscipline hebben om te leren en niet over een goede laptop of internet beschikken. Dan wordt het veel moeilijker om gemotiveerd te blijven.”
Varun Tika zit in hetzelfde leerjaar, maar dan op het Ewald P. Meyer Lyceum. Hij heeft nog niet veel onlinelessen gevolgd. Omdat de klassen niet groot zijn, zou volgens hem normaal dagelijks op school les kunnen worden gegeven. “Met thuis studeren mis je lessen om je goed voor te bereiden op een repetitieweek. Dat is jammer. Maar de discipline van huiswerk maken en bijhouden heb ik wel.”
Teshiro Leetz is leerling van de tweede klas van de Surinaamse Technische School en gaat er om de ene week naar toe. “Ik moet mezelf ertoe aanzetten, maar het lukt wel. Ik leer uit de boeken en maak zelf aantekeningen. Wie regelmatig naar school komt, raakt niet achter met de lesstof.” Hij mist wel faciliteiten zoals internet. “Thuis heb ik geen Wi-Fi. Mobiele data is duur, dus koop ik die niet elke dag.”
  Tweet
 
Gerelateerde artikelen

………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname