De situatie bij de Esther Stichting, een zorginstelling voor kwetsbare personen, blijft onveranderd problematisch. De voortdurende afwezigheid van verplegend personeel in de middag- en avonduren baart grote zorgen, vooral omdat bewoners in deze periodes het meest afhankelijk zijn van begeleiding en medische aandacht. Dat stelt de bond van de Esther Stichting in gesprek met Suriname suriname.
Hoewel er recent positieve donaties van medische middelen zijn ontvangen van het Bedrijf Geneesmiddelen Voorziening Suriname (BGVS), blijkt dit slechts een tijdelijke verlichting. De kern van het probleem ligt volgens betrokkenen dieper en vraagt om structurele hervormingen binnen de organisatie zelf.
Daarbij wordt onder andere gewezen op het disfunctioneren van het management en de situatie rondom de directeur, die verdacht wordt van het ontvreemden van middelen. De regering lijkt de kwestie vooralsnog niet te prioriteren. Er zijn tot op heden geen concrete stappen gezet om de zorgcontinuïteit op de instelling te garanderen, zegt de bond. Ook ontbreekt het aan duidelijke communicatie.
Minister Ines Pané van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (Sozavo) heeft nog geen publieke verklaring afgelegd over de situatie, wat het gevoel van onzekerheid bij personeel, bewoners en familieleden alleen maar vergroot. Volgens de bond is het gebrek aan actie vanuit de overheid illustratief voor de stagnatie binnen de hele sector.
“De bewoners blijven het slachtoffer van de vertragingen. Zonder personeel is er geen zorg, en zonder zorg geen veiligheid,” aldus een woordvoerder.