Rijk aan grondstoffen, arm aan kennis en inzicht

Suriname is rijk aan vruchtbare grond en grondstoffen, maar heeft onvoldoende kennis en inzicht om deze natuurlijke hulpbronnen om te zetten in productie en welvaart. De mensen in de dorpen in het binnenland leven al eeuwen op dezelfde manier, in harmonie met de natuur. Maar ze weten niet hoe ze de grondstoffen onder hun voeten – die overigens van de hele bevolking zijn – moeten omzetten in economische ontwikkeling. Dit is min of meer symbolisch voor het hele land. Het gebrek aan menselijk kapitaal – human capital – is nog steeds de grootste handicap van Suriname. Tot nu toe hebben Surinaamse overheden meer geïnvesteerd in bureaucratie dan in kennis en productie. Schoolverlaters zonder kennis van economie en productie werden toegevoegd aan de opgeblazen ambtenarij. Het was de gemakkelijke manier om onvrede en politieke onrust tegen te gaan en stemmen te winnen. Nu zit Suriname opgescheept met deze bureaucraten die bijdragen aan tijdrovende administratieve rompslomp en obstakels voor burgers en bedrijven die wel verstand hebben van productie en economische ontwikkeling. In het afgelopen decennium ging het lage niveau van menselijk kapitaal in Suriname ook gepaard met een andere, meer directe oorzaak van isolement, namelijk een veroordeelde president. Een van de redenen voor het werkbezoek van president Santokhi aan zijn danspartner Nederland moet ook zijn geweest om technici met kennis en ervaring in moderne productiemethoden, voor Suriname te enthousiasmeren. Suriname heeft dringend fysiek kapitaal nodig, maar zonder menselijk kapitaal zal het fysieke kapitaal verdampen voordat enige ontwikkeling wordt ingezet. Dit gebeurde met de tientallen miljarden aan inkomsten en ontwikkelingshulp die Suriname sinds de onafhankelijkheid heeft ontvangen. Menselijk kapitaal zie je niet, het zit niet in de grond of in een kluis: het zit in de hoofden van mensen. Het is van groter belang voor welvaart dan fysiek kapitaal. Menselijk kapitaal is niet alleen kennis en informatie, het omvat ook cultuur en gewoonten. Ouders die hun kinderen elke ochtend klaarmaken voor school en die ze normen en waarden bijbrengen investeren in menselijk kapitaal. Menselijk kapitaal wordt verrijkt wanneer studenten enkele jaren in het buitenland worden blootgesteld aan een brede westerse cultuur die de producten, technologie en ideeën van de hele wereld omvat. Niet alle culturele groepen ontwikkelen zich in hetzelfde tempo. Sommigen culturen gedijen beter dan andere. Culturen die wet en recht promoten – in plaats van het belang van de natie ondergeschikt maken aan het lot van een persoon – doen het economisch beter. Ze verdedigen de rechtstaat, lachen er niet om. Dit geldt ook voor eerlijkheid. Investeerders stoppen hun kapitaal niet in landen met een a no mi- en neks no fout-cultuur. Verschillen in gewoonten leiden tot verschillen in menselijk kapitaal en tot verschillen in economische prestaties. Een groep met een economische voorsprong wekt vaak de afgunst van de groep die achterblijft. En de wrok wordt door MPP’s (Manipulerende Polariserende Politicus) omgezet in etnische haat. Dit remt economische vooruitgang. De MPP’s geven de ander de schuld van de achterstand. Ze verspillen hun energie aan het vechten tegen de ex-kolonisator of andere groepen. De MMP’s zijn niet dom. Ze veroorzaken etnische spanningen om de eigen carrière vooruit te helpen. Ze vertellen je niet welke eigenaardige gewoonten in hun eigen subcultuur de achterstand veroorzaken. De oplossing komt dan ook niet. Mensen kunnen leren van elkaar. Agrariërs hebben door de jaren heen een scherp besef van tijd ontwikkeld en de daaruit voortvloeiende gewoonte van zelfdiscipline die nodig is om fysiek te overleven. Er moet rekening gehouden worden met tijdig zaaien en oogsten en met getijden: falen betekent geen eten op tafel. Ook de ingesleten gewoonte van sparen en zuinigheid is essentieel om te overleven. En elk kind dat op straat blijft hangen is een aanslag op het gezinsinkomen. Armoede en honger hebben geleid tot zuinigheid, vlijt en vindingrijkheid. Deze kwaliteiten behoren tot het menselijk kapitaal. Hierdoor gaat men sneller vooruit. Suriname heeft niet genoeg veerkracht – kennis, inzicht, ijver, discipline – voor een vlot herstel van de crisis. Ik denk dat de minister van Financiën al zijn zorgen heeft geuit over het gebrek aan capaciteit om het herstelplan soepel uit te voeren. Door het tekort aan menselijk kapitaal belandt Suriname snel in een economische crisis en komt er ook traag uit. Een ander probleem is dat elke crisis een vlucht van menselijk kapitaal het land uit, veroorzaakt (brain drain). Dit is een ernstig verlies van nationale rijkdom. In deze tijd is menselijk kapitaal de sleutel tot economisch succes. Naast fysiek kapitaal heeft Suriname behoefte aan een infuus van kennis en ervaring. Daarom is het buitenlands beleid van president Santokhi begrijpelijk. De import van experts is net zo noodzakelijk als de import van tractoren …