Overlegplatform Fiti Makandra over voortzetting koloniaal onrecht

Na verschillende consultaties werd in 2021 een voorstel voor een raamwet aangenomen. Hoewel er nog veel vragen onbeantwoord bleven, stemde het merendeel van de gemeenschappen in met deze wet. Fiti Makandra heeft goed kennisgenomen van de Nota van Wijzigingen op de Concept-Raamwet Collectieve Rechten van Inheemse en Tribale Volken en stelt dat de wijzigingsvoorstellen niet in het voordeel zijn van de inheemse en tribale volkeren. Deze wijzigingen staan in schril contrast met wat besproken is tijdens de eerder gehouden consultaties met de leiders van de inheemse en tribale volkeren. De vonnissen van het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens (IACHR), namelijk het Saramaka-vonnis (2007) en het Kaliña en Lokono-vonnis (2015), worden daarmee ook ter discussie gesteld. De wijzigingen staan bovendien haaks op de bepalingen in deze vonnissen.Ten overvloede willen wij het volgende onder de aandacht van de beleidsmakers brengen. Uit de geschiedenis weten wij dat het gebied dat wij nu kennen als Suriname bewoond wordt door mensen die uit verschillende werelddelen op dwangmatige en gewelddadige wijze zijn gehaald om hier onder onmenselijke, koloniale en zelfs dehumaniserende omstandigheden het economisch belang van Westerse koloniale staten te dienen. Maar dit land was eeuwenlang het woongebied van de inheemse volkeren.De inheemsen hebben nooit geëist dat anderen die in de koloniale periode hierheen zijn gebracht, hun land (nu: Suriname) moesten verlaten. Zij beseffen terdege dat onze voorouders er niet voor hebben gekozen om hier te zijn, laat staan om hun gebieden te bezetten. Zij hebben namelijk wel geëist dat de Nederlanders moesten vertrekken en hun land niet langer te bezetten.Echter, de inheemsen vragen en eisen wel dat hun collectieve rechten, waaronder de grondenrechten, grondwettelijk worden erkend. De geschiedenis laat immers talrijke incidenten en interventies zien die een inbreuk vormen op de soevereiniteit van de inheemse volkeren en hun recht op zelfbeschikking. Het begon met de gewelddadige bezetting van hun leefgebieden en het uitmoorden van hun voorouders, het zaaien van tweedracht, het verdringen van hun cultuur, de instelling van natuurbeschermingsgebieden, het geven van Europese namen aan geografische natuurgebieden, tot het uitgeven van hun leefgebieden in concessies (waaronder de kwestie die nu speelt met Chinalco) en het vertrappen van hun collectieve rechten. De behandeling van de inheemsen vertoont dezelfde koloniale en patronagekenmerken als 160 jaar geleden en daarvoor.De tribale gemeenschappen genieten al sinds de slavernijperiode bescherming van hun leefgebieden door middel van vredesverdragen. Het gewijzigde wetsvoorstel toont echter geen enkele bereidheid om rekening te houden met de internationale vonnissen. De staat lijkt nu de instantie te zijn die de Afro-Surinaamse gemeenschappen en inheemsen onderdrukt, achterstelt en ongelijk behandelt. Vanwege de OAS heeft de staat de opdracht gekregen om regels te ontwikkelen voor de erkenning van de inheemse en tribale volkeren. Wat we echter zien, is dat de staat en de wetgevende macht – onze volksvertegenwoordigers, die de wetten moeten maken – de bescherming van de inheemsen en marrons niet op de juiste manier meenemen. Kennelijk stuit de grondwettelijke erkenning steeds weer op economische belangen die op de achtergrond werkzaam zijn, maar op de voorgrond onzichtbaar blijven.In 2022 en 2023 heeft Nederland erkend dat wat hun voorouders hebben gedaan jegens de voorouders van de inheemsen en Afro-Surinamers in Suriname, een misdaad tegen de menselijkheid is geweest. De huidige Surinaamse regering kan niet zeggen dat het haar niets kan schelen dat Nederland excuses heeft aangeboden. Waar blijft de redelijke rol van de staat Suriname in dit geheel? Zijn het niet de voorouders van de inheemsen en Afro-Surinamers die de basis hebben gelegd waarop de huidige maatschappij is gebouwd? En dit, terwijl noch de Nederlandse staat, noch de Surinaamse staat deze volkeren ooit, in overleg met hen, heeft gecompenseerd voor het land dat zij zijn kwijtgeraakt, de levens die verloren zijn gegaan en de mensonterende arbeid die zij hebben verricht. Hoeveel beter is het huidige staatsbestel ten opzichte van hen vergeleken met het koloniale systeem?Als wij als nazaten geen recht vinden om te leven zoals wij dat willen, dan moeten we de staat Suriname opnieuw voor internationale organen brengen, omdat zij het onrecht van de voormalige kolonisatie voortzet door de grondwettelijke erkenning van de rechten van de inheemse en tribale volkeren niet te regelen.Wij roepen daarom de regering en de Nationale Assemblee op om het over een andere boeg te gooien en oor te hebben voor de bezwaren, rechten, behoeften en eisen van deze leefgemeenschappen. Er zijn genoeg consultaties geweest. U weet wat u moet doen: doe het!Voorzitter Wilgo Ommen, Federatie van Paraplantages Voorzitter kapitein Muriel Fernandes van de Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in SurinameGranman Albert Aboikoni van de SaamakaGranman Jimmy Toeroemang van de TrioGranman Ipomadi Pelenapin van de Wayana Granman Remon Clemens van de KwintiGranman Simeon Glunder van de AlukuGranman Leslie Valentijn van de MatawaiGranman Jozef Forster van de Paamaka