Noodzaak voor nieuwe nationale onderwijsvisie na Covid-19

De Corona-crisis dwingt ons om vragen te stellen over ons onderwijs. Slagen er te weinig leerlingen of juist teveel? Gaat de kwaliteit van ons onderwijs achteruit? Lopen leerlingen een achterstand op? Velen maken zich zorgen, omdat het lijkt dat deze crisis het onderwijs negatief beïnvloedt. We weten dat het al vóór de Corona-crisis rommelde in ons onderwijs.In april 2019 vond het ministerie van Onderwijs het zelfs nodig een nationale dialoog over de toekomst van ons onderwijs te organiseren. Maar stellen we wel de juiste vragen? Ik vind dat wij misschien wel de juiste vragen stellen, maar dat wij niet kunnen volstaan met antwoorden die niets zeggen over onze nationale visie over het onderwijs. Wij moeten antwoorden geven op vragen door te beginnen met te wijzen op de noodzaak van een fundamenteel andere visie op onderwijs. Ik beantwoord hier slechts drie vragen die evenzovele speerpunten van een nieuwe onderwijsvisie weergeven: 1) Waarom maken we ons druk over leerachterstanden? 2) Waarom krijgen leerlingen cijfers? 3) Waarom kunnen leerlingen blijven zitten?Antwoorden op deze vragen leiden ertoe dat wij over onze nationale onderwijsvisie gaan praten. We maken ons tijdens de Corona crisis druk over leerachterstanden, omdat in onze huidige visie op onderwijs een bepaalde hoeveelheid leerstof binnen een bepaalde tijd moet worden afgewerkt. Dit is het resultaat van drie principes: allereerst is ons onderwijs leerstofgericht, dat wil zeggen dat het curriculum vooral op kennis is gebaseerd. Dan zijn er twee andere beginselen die het ontstaan van ‘achterstanden’ tot een probleem maakt. Ze zijn het gelijkheidsbeginsel en het gelijktijdigheidsbeginsel.

Volgens deze principes krijgen alle leerlingen van een bepaalde klas gelijke leerstof en moet die leerstof door de hele klas gelijktijdig worden afgewerkt. Maar wat als we zeggen dat elk kind anders is en dat het niet nodig is dat elke leerling in een klas met zijn leeftijdsgenoten hetzelfde moet leren binnen dezelfde tijd? Wat als onze onderwijsvisie zegt dat elke individuele leerling zijn eigen leerroute mag volgen? Als wij de vraag zó beantwoorden, dan gaan wij uit van een totaal andere visie. Die visie heeft als uitgangspunt dat kinderen van elkaar verschillen en zich op verschillende manieren mogen ontwikkelen.

Het gegeven van cijfers vloeit ook voort uit de huidige visie dat onderwijs dient om kinderen een bepaalde hoeveelheid leerstof te leren. We geven dan een repetitie om te toetsen hoeveel van die leerstof de leerlingen hebben onthouden. Vaak wordt dan op basis van het percentage dat de leerling goed heeft onthouden, een cijfer toegekend op een tien punten schaal. Maar wat als onze visie is dat het onderwijs niet leerstofgericht moet zijn, maar ontwikkelingsgericht? Dan hebben cijfers geen waarde meer.

Onze nieuwe nationale onderwijsvisie eist dat wij concreet en eenduidig formuleren welke leeruitkomsten kinderen moeten bereiken. Zij moeten dan de gelegenheid krijgen te laten zien wat zij kunnen, dus niet op een repetitie moeten laten zien hoeveel zij hebben onthouden. Ons onderwijs moet kinderen leren om dingen (zelfstandig) te doen. Het heeft geen zin om het onderwijs zo in te richten dat de leerkracht een veelheid aan leerstof uit het leerboek behandelt.
Kennis is snel verouderd en bovendien kan je feitenkennis gemakkelijk vinden op het internet. Cijfers geven niet goed weer waartoe kinderen werkelijk in staat zijn.

Een derde speerpunt van een nieuwe nationale onderwijsvisie is de onzin om kinderen te laten blijven zitten. Als ons onderwijs zich aanpast op de ontwikkeling van het kind en niet zoals nu dat het kind zich moet aanpassen aan het onderwijs, dan is zittenblijven zinloos. Je laat een kind niet meerdere keren dezelfde ontwikkeling overdoen. Een kind ontwikkelt zich verder en moet die gelegenheid ook op school krijgen.

Ik heb hier slechts drie speerpunten van een nieuwe nationale onderwijsvisie weergegeven. We moeten ons onderwijs voorbereiden op de periode na Covid-19. Als we hetzelfde gaan blijven doen dan is Covid-19 een verloren tijd geweest. Een nieuwe onderwijsvisie voer je niet direct landelijk in. Eerst moet er een breed draagvlak gecreëerd worden. Maar we kunnen ons onderwijs niet succesvol herinrichten zonder een nieuwe nationale onderwijsvisie, omdat het “doorsijpelt” naar elk aspect van het onderwijs: de inhoud van het onderwijs, de organisatie, de infrastructuur, het management en het ministerie zelf. Een nationale onderwijsvisie is een grote noodzaak omdat het de manier waaropleerlingen en studenten leren, bepaalt. De uitvoering van een nieuwe visie moet het liefst als een project worden gedaan, waardoor succes beter gemonitord kan worden.

Robby Morroyrobbymorroy@yahoo.com ………… (Star)


Lees verder

Bron: Starnieuws.com