NDP-fractie in beraad om kwestie aanhouding Adhin

De NDP-fractie heeft vandaag de zaal van het parlement verlaten nadat door minister Kenneth Amoksi van Justitie en Politie (Juspol) werd bekendgemaakt, dat oud-vicepresident en NDP-assembleelid Ashwin Adhin is aangehouden. De vergadering werd kort geschorst. NDP-fractievoorzitter Rabin Parmessar liet weten dat de informatie verstrekt door de minister van Juspol niet juist is. Volgens hem is Adhin vandaag opgeroepen en vandaag aangehouden.
Amoksi heeft in DNA aangegeven dat Adhin is aangehouden. Voor vrijdag 13 november waren er volgens Amoksi afspraken met het Openbaar Ministerie gemaakt dat Adhin zich zou aanmelden met zijn advocaat. Hij heeft zich niet aangemeld. Het was de bedoeling dat hij zich vanmorgen moest aanmelden. Ook heeft men Adhin dit laten weten met als gevolg dat de politie hem heeft opgespoord en aangehouden ter voorgeleiding.
President Chan Santokhi geeft aan dat er zaken zijn die juridisch goed uitgelegd moeten worden en zijn er eveneens zaken die in de samenleving anders over kunnen komen. De president licht toe dat volgens het Wetboek van Strafvorering Adhin is aangehouden ter voorgeleiding. Hij is aangehouden in verband met zijn verhoor.
Op het moment dat het verhoor afgerond is, zal de politie weer in overleg moeten treden met het Openbaar Ministerie om te horen wat het vervolgtraject is. Santokhi is van mening dat afgewacht moet worden op het verdere onderzoek. De kwestie moet overgelaten worden aan de procureur-generaal.
Volgens Parmessar zij er wettelijke bepalingen met betrekking tot functionarissen. “Vandaag gaat het om Ashwin Adhin, morgen kunt u aan de beurt zijn”, zegt Parmessar. Hij licht toe dat er wetten zijn aangenomen. En hij is van mening dat het parlement erop toe moet zien dat de wetten worden nageleefd. Voor de NDP-fractie is het duidelijk dat de rechtsregels niet in acht zijn genomen bij de aanhouding van een van haar leden. De fractie heeft zich teruggetrokken om zich te beraden.
Vishmohanie Thomas

………… (SH)

Lees verder

Bron: Suriname herald