Meten is weten (4): GLO onder het vergrootglas

20/04/2021 19:31


 

ONDERZOEK –
IN EEN SERIE van vijf artikelen pleegt Ivan Fernald, auteur van het boek ‘Het roer moet om – Actieplannen voor beter onderwijs’, exclusief voor de Ware Tijd een cijfermatige doorlichting van de onderwijsresultaten van 2020.

Tekst:
Ivan Fernald

Een vergelijking van de
glo-toetsresultaten 2020 met voorgaande jaren gaat mank omdat de
omstandigheden en de toetsen niet identiek zijn. In 2020 zijn
slechts drie van de zeven examenvakken afgenomen. Dit heeft een
gunstig effect gehad op het resultaat. Het slaagpercentage glo voor
toelating mulo 2010-2019 lag tussen 51 en 59,9 procent. Het
landelijk resultaat 2020 vertoonde een ongekende stijging naar 75,5
procent.

Een nadere beschouwing:

1. Het hoogste glo-slaagpercentage 2020 is
wederom behaald door Nickerie. Dit district scoort 83,6 procent,
gevolgd door Commewijne met een slaagpercentage van 82,6. Wanica is
een goede nummer drie met een resultaat van 78,3 procent.
Overigens, Commewijne heeft in 2015 het beste resultaat behaald,
maar Nickerie heeft in de overige jaren van het afgelopen decennium
met de hoogste eer gestreken.

2. Alle districten hebben beter gescoord in
2020, ondanks de lange schoolsluiting, in een poging de
coronabesmettingen te beteugelen. De grootste vooruitgang zien wij
bij Sipaliwini en Brokopondo met een toename van respectievelijk
23,3 en 19,1 procent. (De cijfers van Marowijne heb ik nog niet ter
beschikking!) Een dergelijke forse stijging van slaagpercentages is
niet eerder waargenomen.

3. De districten met de laagste percentages in
2019 (Sipaliwini, Brokopondo) maken in 2020, gemeten naar
slaagpercentages, de grootste sprong voorwaarts. Deze trend zien
wij ook bij andere onderwijsniveaus zoals havo en vwo. Districten
die laag scoren hebben (bij een versoepeling van het examen) de
hoogste potentie om te groeien.

4. De resultaten van Marowijne verdienen
speciale aandacht omdat de schooluitval in dit district het hoogst
was. Marowijne heeft in 2020 extra te lijden gehad onder de
gevolgen van stakingen van bus- en boothouders. Hierdoor kon menige
leerling de school geruime tijd niet bezoeken.

5. De districten in het binnenland scoren
traditioneel laag. Sipaliwini is veelal de hekkensluiter, maar
gelukkig vertoont dit district opeenvolgende betere resultaten. In
2018 had Sipaliwini een bedroevend resultaat van 27,1 procent.
Daarna scoorde dit district 37,6 procent in 2019 en vervolgens 60,9
procent in 2020. De uitdaging is om de opwaartse lijn aan te
houden.

Significante toename slaagpercentages

De cijfers geven aan dat de slaagpercentages op de
onderwijsniveaus glo, mulo, havo en vwo zijn gestegen. De toename
bij havo is het grootst en wel 31 procent. Dit noopt tot onderzoek
om na te gaan of de onderwijsdoelen wel gehaald zijn. Er stromen
meer studenten door en dat oogt op het eerste gezicht bemoedigend.
Er is echter geen reden om in juichstemming te verkeren, want de
langdurige lesuitval in 2020 heeft ongetwijfeld leervertragingen
tot gevolg gehad. Het beheersingsniveau per school en per leerling
is zeer verschillend.

De discrepantie

Het verschil tussen SO- en centraal examen mulo is fors. Het
gaat om gemiddelde cijfers. Het verdient aanbeveling om de
afwijking per school te onderzoeken, want die kunnen zeer
uiteenlopen. Scholen met grote verschillen behoeven extra
ondersteuning. Dit geldt eveneens voor de glo-toets, die in de
situatie (vanaf 2021) zijn selectieve waarde verliest, maar nog kan
bestaan als ijkpunt. Er zullen meerdere toetsen, die afgenomen
worden gedurende het gehele schooljaar, bepalend moeten zijn voor
de doorstroming.

Toename herkansingen

Wat havo betreft weten wij niet of de SO’s en het uniform examen
in 2020, qua moeilijkheidsgraad en omvang, overeenkomen met die van
de afgelopen jaren. Met andere woorden: Het is niet bekend of de
lat lager geplaatst is om de studenten, die maandenlang verstoken
waren van onderwijs, tegemoet te komen. Het is wel bekend dat
studenten in 2020 een extra kans hebben gekregen (instructie MinOWC
17 juni 2020).

Studenten die geslaagd waren maar voor een bepaald vak graag een
hoger cijfer hadden gewild, om eventueel een specifieke
vervolgstudie te kunnen doen, mochten ook herkansen. Bij de
reguliere uitslag was het uitgangspunt dat leerlingen geslaagd
waren of in aanmerking kwamen voor herkansing. Het eindresultaat
van deze leerlingen werd na die extra kans vastgesteld. Het is lang
niet zo gek om het principe van meerdere kansen, verspreid over
verschillende tijdvakken, als standaardprincipe in te voeren.

Verdubbeling herexamen mulo

Het percentage leerlingen dat in 2020 voor herexamen mulo in
aanmerking kwam is, in vergelijking met 2019, nagenoeg verdubbeld.
Het blijkt echter dat naar verhouding slechts een derde deel van
deze categorie slaagt. In 2019 was dit percentage tweemaal zo hoog.
De conclusie is gerechtvaardigd dat een aanzienlijk hoger
percentage herexamenkandidaten in 2020 niet geleid heeft tot een
hoger percentage geslaagden uit deze groep.

Aanbevelingen:

1. De inspanningen moeten gericht zijn op het
verhogen van het percentage directgeslaagden en niet op het
verhogen van het percentage dat in aanmerking komt voor
herexamen.

2. Het diagnostisch element van de toets moet
meer waarde krijgen. Wat kan de leerling, wat beheerst de leerling
en waarin heeft die nog ondersteuning nodig? Slagvaardig en
effectief response van leerkrachten en remedial teachers moet
ervoor zorgen … ………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname