Kleine droge tijd natter dan normaal door La Niña-effect

01/04/2021 22:49 – Arjen Stikvoort

Slechte wegen spelen padieboeren parten. : dWT Archief  
PARAMARIBO – De kleine droge tijd die van begin februari tot half april duurt is natter dan normaal, wat te maken heeft met het zogenaamde natuurverschijnsel La Niña. Dat bevestigt Sukarni Sallons-Mitro, hoofd van de Meteorologische Dienst Suriname. Het weerbeeld van nu schetst ze als een ‘natte’ kleine droge tijd.
Voor de landbouwsector kan een te natte droge tijd ongunstig zijn. Landbouwer en ondervoorzitter van de Van Drimmelenpolder Amriet Hira en collega’s merken dit. “We kampen met zware regenval. De grond is daardoor zacht geworden en dit leidt ertoe dat combines komen vast te zitten in de rijstvelden.” Dat bemoeilijkt het afoogsten. “Bij enkele kleidammen moeten tractorbakken worden ingezet en dat is duur.”
De pick-ups die de padie moeten transporteren komen op de slecht onderhouden zandwegen vast te zitten. Door de slechte staat van de kleidammen kunnen nu slechts ladingen van veertig tot vijftig zakken van zeventig kilo padie tegelijk worden vervoerd, wat de helft minder is dan normaal. Dit maakt dat de (transport) kosten vele malen hoger worden. De landbouwer zegt dat dit het effect is van jarenlang achterstallig onderhoud.
Dewdath Ramnath, onderdirecteur regio West van het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij, benadrukt dat regen slecht is voor de padieoogst. “Boeren zijn bezig te oogsten en elke regenbui is funest.” Te natte padie is schadelijk voor de oogstmachines. “Het blijft plakken en wordt naar achteren gegooid. Dat is verlies.” Het weer is een factor die men niet in de hand heeft, zegt Ramnath.
De landbouwers zullen hierop moeten reageren door goede oogstmomenten uit te zoeken. De onderdirecteur onderstreept het probleem van het transport. Er zijn veel kleidammen die met nat weer moeilijk berijdbaar zijn. Er moet vanaf die dammen naar de hoofdwegen gereden worden om het product vervolgens naar de pelmolens te brengen.
Het gebied wordt onderhouden door greppels te graven en (hoofd)wegen te bezanden en op te schonen wanneer het gaat regenen of als de situatie daarom vraagt, legt Ramnath uit. De hoofdaanvoer- en afvoerleidingen van de kanalen worden door de overheid aangepakt, maar de secundaire leidingen moeten de landbouwers zelf onderhouden, omdat die voor hun perceel liggen.
  Tweet
 

………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname