Intrekken ontslag lid DNA niet mogelijk

(Ingezonden)

Op 2 februari is aan (voormalig) lid van De Nationale Assemblee (DNA) Sergio Akiemboto de toegang tot een huishoudelijke vergadering ontzegd. Dit is een volgende stap in een oplopende discussie of Akiemboto nog volksvertegenwoordiger is, of dat hij in die hoedanigheid mag terugkomen. Deze vraag is van democratisch en constitutioneel belang. De heer Akiemboto, een kennelijk gerespecteerd politicus, heeft publiekelijk en middels een, naar achteraf blijkt, verkeerd gedateerde brief aan de president in januari dit jaar zijn ontslag ingediend.

Inmiddels heeft hij zich bedacht, en de juridische vraag is of hij gewoon verder kan als parlementariër. Juristen en andere deskundigen geven hier zoals gebruikelijk geen eensluidend antwoord op. Ook in DNA bestaat hierover geen consensus. De Grondwet, de Kiesregeling en de Wet houdende regels voor het beëindigen van het lidmaatschap van de Nationale Assemblee uit 2016 (Wet 2016) worden verschillend geïnterpreteerd. Het schijnt dat aan de voorzitter van DNA een juridisch advies is uitgebracht, maar dat advies is verrassend genoeg nog niet openbaar gemaakt.

Wat de rechtsvraag over het lidmaatschap betreft. is artikel 68 van de Grondwet helder. Het lidmaatschap van DNA: ‘eindigt door ontslag op eigen verzoek’. In de GW 1975 was de formulering nog wat diffuser: ‘de leden kunnen te allen tijde hun ontslag nemen’. Deze zinsnede komt opvallend genoeg terug in artikel 141.1 van de geldende Kiesregeling. Maar de zojuist geciteerde tekst van de Grondwet 1987 is van hogere orde, en is dwingend geformuleerd: het lidmaatschap eindigt door ontslag op eigen verzoek. Doorslaggevend is derhalve de wil van de volksvertegenwoordiger, als hij ontslag neemt, brengt hij zijn besluit tot uiting en treedt het rechtsgevolg aanstonds in. Hij is dan geen lid meer van DNA. De Kiesregeling en de Wet uit 2016 zijn procedureel van aard en wijzen de weg voor verdere stappen en de opvolgingsprocedure.

Wat is de correcte wijze waarop een lid van DNA formeel zijn ontslagaanvraag kenbaar maakt? Het antwoord is in artikel 141.2 van de Kiesregeling: ‘Het wordt door hen ingezonden aan de President, die het ter kennis brengt van het volksvertegenwoordigend orgaan’. Om twee reden is dit een enigszins ongelukkig geformuleerde bepaling. Het woord ‘het’ is niet nader omschreven, maar duidelijk is dat het alleen betrekking kan hebben op de ontslagbrief. Een tweede reden is dat de ontslagbrief slechts wordt gezonden aan de president, en niet aan DNA. De Kiesregeling kent in meerdere bepalingen, zie voor kandidaat DNA leden, artikel 137.2, het voorschrift dat documenten aan de president moeten worden verzonden.

Een heroverweging van deze bepalingen is op zijn plaatst. De president zou geen rol moeten hebben in het verkiezingsproces van DNA. In de Grondwet 1975 werd de ontslagbrief van een parlementariër terecht mede gericht aan de voorzitter van het parlement. Wellicht is in 1987 vermelding van de voorzitter gewoon vergeten. Nu geldt enigszins omslachtig dat het parlement via de president moet horen dat een lid ontslag heeft genomen. Maar met nadruk moet worden gesteld dat het rechtsfeit van het ontslag reeds ontstaat op het moment dat daarvan melding is gedaan. Met andere woorden het ontslag is aan de kant van de ontvanger een mededeling, het rechtsgevolg is al eerder ingetreden en wordt slechts geconstateerd. De ontslagbrief is niet aan de goedkeuring van de president of DNA onderworpen. De in artikel 4 van de Wet van 2016 omschreven procedure is derhalve niet relevant voor de beantwoording van de vraag wanneer het ontslag in werking treedt.

Van belang is vervolgens of de ontslagbrief van Akiemboto op constitutioneel correcte wijze door hem is kenbaar gemaakt. Zijn ontslagbrief aan de president is immers gedateerd op een datum waarop hij nog geen lid was van DNA. De president schreef in zijn brief aan de voorzitter onder meer: ’wij kunnen geen rechtsgevolgen verbinden aan het schrijven d.d 5 januari 2020’. Deze opmerking is niet verstandig. Onduidelijk is wie wordt bedoeld met ‘wij’.  Het is duidelijk dat het niet aan de president is om rechtsgevolgen te verbinden. Hij moet zich ver houden van interne aangelegenheden van DNA. Een tweede reden is dat het de Grondwet is die het rechtsgevolg verbindt aan een ontslagbrief. Het verdient overigens aanbeveling dat de President ontslagbrieven onverwijld doorstuurt naar DNA. Inhoudelijk bestaat er geen twijfel dat Akiemboto ontslag heeft genomen. Dat blijkt ook uit zijn brief waarin hij vraagt zijn ontslagbrief als niet geschreven te beschouwen.

Een volgende vraag is of en tot welk moment een parlementariër op zijn besluit tot ontslag terug kan komen. Het antwoord is dat de Grondwet niet voorziet in het terugdraaien van een eenmaal genomen ontslag. De procedure voor opvolging moet worden gevolgd.

De actuele discussie toont wederom aan dat het hoog tijd wordt de belangrijke constitutionele bepalingen zoals de Grondwet, de Kiesregeling, Wet 2016 en het Constitutioneel Hof, tegen het licht te houden. In het … ………… (Star)


Lees verder

Bron: Starnieuws.com