Ingezonden| De politieke en economische ravage van de regering Santokhi-Brunswijk

Na negen maanden politieke en economische ravage heeft de regering gemeend om met een crisisplan te komen dat heel waarschijnlijk als model zou moeten dienen voor de economische wederopbouw van het land.
De bedoeling van de beleidsmakers was om binnen het raam van de capaciteiten van Suriname een praktisch plan te presenteren, waarmee doelgericht gewerkt kan worden aan een nieuwe fase in de ontwikkeling en economie van Suriname.
Het plan waarin de Regering, vakbonden en bedrijfsleven centraal staan, biedt door het daadwerkelijk elimineren van vele barrières een kansrijk toekomstperspectief voor de ontwikkeling en economie van ons land. Het uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid met betrekking tot het scheppen van enkele randvoorwaarden gedragen wordt door Suriname zelf.
Bij de bestudering van dit plan is het mij opgevallen dat de beleidsmakers er niet in zijn geslaagd om een acceptabel plan te presenteren. Met dit artikel zal ik proberen de lezer een eerste indruk te geven van de reikwijdte van mijn blik en ik zodoende een kritische blik kan werpen op dit plan.
Wil men een acceptabel en doelgericht plan ontwikkelen, dan dient men dat met de hoogste prioriteit tezamen moeten doen met het bedrijfsleven en overige sociale partners. Slechts op deze wijze is het mogelijk om enkele essentiële barrières met betrekking tot het bevorderen van de exportproductie en handel te kunnen slechten. Het overleg zal moeten resulteren in een efficiënt, effectief en kwalitatief hoogwaardig crisisplan gericht op investeringen productie en export.
Het crisisplan zoals die thans is gepresenteerd, zal geen vruchten afwerpen en het Surinaamse volk geen enkel perspectief bieden. Het welslagen van een crisis economisch herstelplan heeft slechts nut, mits de beleidsmakers de vakbonden, in het bijzonder de ASFA, de VSB en de sociale partners volledig betrekken bij het ontwikkelen van het plan.
Het plan zit vol met tegenstellingen en is slecht onderbouwd. Volgens westerse economische theorieën en wetmatigheden kan een niet -autarkisch land slechts welvarend zijn, indien het een gunstige handelsbalans heeft. De problematiek rondom onze handelsbalans en het daarmee samenhangende internationaal betalingsverkeer genieten daarom ook de hoogste prioriteit bij de ontwikkeling en uitvoering van elk economisch hervormingsplan.
Ons land verdient, net als de meeste ontwikkelingslanden, uit export opbrengsten onvoldoende harde valuta om de noodzakelijke importen te financieren. Een onweerlegbaar feit is dat naast een strikt importbeleid, gestreefd moet worden naar de ontwikkeling van een zo groot mogelijke export met een zo hoog mogelijke in Suriname gerealiseerde toegevoegde waarde. Deze en nog vele andere vraagstukken zijn in onvoldoende mate in het crisisplan beschreven. Vandaar mijn bezorgdheid. Voor dergelijke ontwikkelingen heb je het bedrijfsleven nodig die de motor is voor de nodige ontwikkelingen.
Ten aanzien van de COVID-19-pandemie; Wat zullen de gevolgen zijn na beëindiging. Hoe voltrekt zich straks het proces van de samenleving? Wat zullen de gevolgen zijn. Wat gaat de regering doen om eventuele ongewenste begeleidingsverschijnselen te voorkomen. Gelet op het feit dat COVID-19 mede de oorzaak is van de recessie, verwacht men een positieve en constructieve bijdrage van de Regering.
Met betrekking tot de exportbevordering moet worden opgemerkt, dat de morele en ethische motieven die voorheen internationale hulporganisaties en commerciële instanties bewogen om ontwikkelingshulp te bieden, behoren steeds meer tot het verleden. De drijfveren zijn meer gericht op economisch rendement.
Of richt de grootste partij in de coalitie zich volledig en alleen op het Diaspora syndroom? Vandaar de oprichting van Surfin NV (lees Diaspora NV) die zogenaamd de projecten in Suriname gaat financieren, aangezien geen enkele investeerder zijn geld in een land gaat stoppen met een toren hoge schuld, heel lage rating bij o.a. Standard & Poor’s, Moody, en Fitch en sinds kort de 94ste plaats inneemt op de corruptie index, een plaats die dichtbij de grens van zeer corrupte landen ligt. Dus is de commotie omtrent de oprichting van bovengenoemde naamloze vennootschap feit of fictie?
In het plan is duidelijk de verbrokkelde aanpak van de economen merkbaar die mede hiervoor verantwoordelijk zijn, hun voorkeur voor abstracte kwantitatieve modellen en hun verwaarlozing van de structurele evolutie . Deze benaderingswijze hebben een kloof veroorzaakt tussen de theorie en de economische werkelijkheid.
Het wordt nu langzamerhand voor iedereen pijnlijk, duidelijk hoe groot het aantal sociale en economische afwijkingen is dat deze regering niet langer de baas kan; de inflatie en werkloosheid, de ongelijke verdeling van de welvaart, de energietekorten en nog vele andere. Tevens blijkt dat een groter wordend sceptisch publiek, wetenschappers van andere vakgebieden, maar ook de economen zelf inzien dat deze Regering niet in staat is om deze vraagstukken in hun greep te krijgen.
In alles blijkt dat het politieke werk op een dood spoor terecht is gekomen. Ik geloof dat de Regering Santhoki / …