De prijs van etnische haat

SERIEUS!? / Ivan Cairo

Suriname, een land met een rijke diversiteit aan etnische groepen, waaronder hindostanen, creolen, javanen, marrons, chinezen en inheemse volkeren, is een voorbeeld van een multi-etnische samenleving. Deze diversiteit is een bron van culturele rijkdom, maar brengt ook uitdagingen met zich mee.

Rassenhaat en etnische spanningen vormen een reëel gevaar dat, indien niet adequaat aangepakt, desastreuze gevolgen kan hebben. Het bloedbad in Rwanda in 1994, waarbij naar schatting achthonderdduizend Tutsi’s en gematigde Hutu’s werden vermoord, dient als een schrijnende herinnering aan hoe etnische haat een samenleving kan vernietigen. In Rwanda werd de haat tussen Hutu’s en Tutsi’s jarenlang gevoed door koloniale verdeel-en-heerspolitiek, politieke manipulatie en propaganda. Wat begon als subtiele discriminatie en stereotypering, escaleerde uiteindelijk in genocide.

‘Nu, een paar dagen verder, heeft de leiding van de NDP, op wiens podium de uitlatingen zijn gedaan, officieel nog steeds geen afstand genomen van de kokosolie-uitspraken.’

De lessen uit Rwanda zijn duidelijk: etnische spanningen mogen nooit worden genegeerd of gebagatelliseerd. In Suriname, waar etnische identiteit nog steeds een rol speelt in politiek en maatschappij, is waakzaamheid essentieel. Politieke partijen die zich uitsluitend richten op etnische groepen, risico’s van polarisatie en het gebruik van etnische retoriek voor politiek gewin kunnen de samenleving destabiliseren.

In Suriname borrelt het al enkele jaren, op vooral sociale media waar personen, veelal verscholen achter fake accounts op stuitende wijze zaken langs etnische lijnen aan de orde stellen en elkaar op basis van etniciteit negatief bejegenen. Wanneer een hol vat en would-be politicus als Pakittow op denigrerende wijze uitspraken doet dat het bij het ministerie van Openbare Werken naar kokosolie ruikt en daarmee Hindostanen bedoelt, mag daar niet lichtvaardig over worden gedaan of gegaan.

Het was geen ‘slip op de tong’ (verspreking), maar een uiting van minachting jegens een bepaalde bevolkingsgroep. Nu, een paar dagen verder, heeft de leiding van de NDP, op wiens podium de uitlatingen zijn gedaan, officieel nog steeds geen afstand genomen van de kokosolie-uitspraken. Wil dat zeggen dat de partij en haar leiding staan achter de geest van deze uitspraken?

Een ander kritisch aspect in de context van rassenhaat is de rol van media en onderwijs. In Rwanda werd de radio gebruikt om haatzaaiende boodschappen te verspreiden, wat de genocide versnelde. In Suriname moeten de media verantwoordelijkheid nemen om eenheid te bevorderen in plaats van verdeeldheid te zaaien.

Daarnaast is onderwijs van cruciaal belang. Jongeren moeten leren over de gevaren van discriminatie en het belang van wederzijds respect. Een gebrek aan onderwijs over de geschiedenis van etnische spanningen kan leiden tot onwetendheid en vooroordelen, die op hun beurt kunnen uitmonden in geweld.

Suriname heeft gelukkig nog een lange traditie van vreedzame co-existentie, maar dit mag geen reden zijn voor zelfvoldaanheid. De Rwandese genocide toont aan dat etnische haat, eenmaal ontketend, moeilijk te stoppen is. Preventie is daarom essentieel. Overheid, maatschappelijke organisaties en burgers moeten samenwerken om etnische spanningen vroegtijdig te signaleren en aan te pakken.

Dialoog, inclusief beleid en het aanpakken van sociaaleconomische ongelijkheden, zijn sleutels tot een harmonieuze samenleving. Daarin dient de regering voorop te gaan, maar ook daar zijn de afgelopen vier jaar grote steken gevallen. Vooral in het benoemingenbeleid. De bromkidyari-politiek bleek een farce.

Suriname mag nooit het pad van Rwanda opgaan. Laten we leren van het verleden en bouwen aan een toekomst waarin diversiteit een kracht is, geen splijtzwam. De prijs van etnische haat is te hoog. Hoger dan die van een flesje kokosolie. Gezien zijn scherpe neus voor olie zou het misschien goed zijn dat Staatsolie Pakittow rekruteert, hem vastbindt onder een helikopter en met de man over ons zeegebied vliegt, zodat hij met zijn zeer gevoelige reukorgaan nog meer olie, in dit geval aardolie, voor het land kan opsporen. Dat zal aardig wat schelen in de exploratiekosten en zo is hij het land nog van enig nut.

ivancairo@yahoo.com