COMMENTAAR: Geschiedenis vastleggen

06/09/2021 12:00


 

HOE PRETTIG OF hoe onaangenaam een ontwikkeling ook mag zijn, het is noodzakelijk om die vast te leggen voor komende generaties. En dan maakt het niet uit op welk gebied of over wat voor thema het gaat. Er is bijvoorbeeld over het Surinaamse sportverleden relatief weinig bekend. Diverse sportclubs hebben – meestal summier – bij een kroonjaar ‘iets’ gepubliceerd, maar eigenlijk kan moeilijk worden gesproken van diepgang. Wijlen Guno Hoen heeft drie publicaties, waaronder een boek, uitgegeven.

Ashok Bainath Sah heeft ter gelegenheid van het honderdjarig
bestaan van de Surinaamse Voetbalbond een poging gewaagd en ook
Transvaal heeft vrijdag in verband met zijn eeuwfeest een
gedenkboek uitgegeven. Deze soort initiatieven vallen natuurlijk
toe te juichen, maar het verdient aanbeveling dat de
sportgeschiedenis gedocumenteerd en op deskundige wijze wordt
vastgelegd.

Wel moet worden opgemerkt dat de tijd dringt, want er is sprake
van vergrijzing bij mensen die de ‘verhalen’ nog kunnen
navertellen. Naslagwerken in bijvoorbeeld (school)bibliotheken zijn
belangrijke bronnen, vooral voor jongeren. Zij zouden hierdoor ook
geïnspireerd kunnen raken door prestaties in het verleden.

Eén van de personen die het jubileumboek van Transvaal
aangeboden heeft gekregen – en wel als eerste – is president
Chandrikapersad Santokhi. Gehoopt mag worden dat het niet in een
boekenkast verdwijnt en dat hij het daadwerkelijk leest. Het zou
zomaar kunnen dat zijn hart (nog meer) gaat kloppen voor het
voetbal niet alleen, maar voor de sport in het algemeen.

De afgelopen tijden zijn het vooral sporters die Suriname
positief op de kaart hebben gezet, ondanks de beperkingen die
Covid-19 met zich meebrengt. En de potentie is er om dat vaker en
grootser te doen. Belangrijk daarbij is wel dat de daartoe dienende
instanties zich op een structurele manier inzetten om meer profijt
te halen uit het talent in het land.

Waar de overheid zich wel rekenschap van moet geven is dat
talent niet wordt ontwikkeld wanneer mensen thuiszitten of online
instructies krijgen. In het sportcommentaar is vaak een pleidooi
gehouden om, met in achtname van de Covid-19-maatregelen, (buiten)
sporten weer mogelijk te maken. De minister van Regionale
Ontwikkeling en Sport zei ruim een week geleden op een
persconferentie dat de maatregelen ongewijzigd blijven, dus
voorlopig blijft de sport op een doodspoor.

De achterstand van Suriname op andere landen wordt daardoor
steeds groter. Sporters raken ook gedemotiveerd en gestrest,
waardoor de interesse steeds minder wordt. Scholen zijn weer
gestart, waarom mag de (jeugd)sport, vooral in de buitenlucht, niet
weer worden opgestart. Steeds meer worden internationaal
maatregelen voor de sport versoepeld, zij het onder stringente
voorwaarden. In Suriname moet dat toch ook mogelijk zijn?


 
Tweet 

Gerelateerde artikelen