COLUMN: Voorbeelden stellen

18/11/2020 14:00 – Serieus!?

Ivan Cairo  
Het afgelopen weekend zag ik een videofilmpje waarin een vader huilend vertelt dat zijn dochter die in de zesde klas van de lagere school zat een verdelgingsmiddel had ingenomen en dat artsen alle hoop op herstel hadden opgegeven. Het geval heeft zich in Nickerie voorgedaan. Intussen is bekend dat het meisje is overleden. Wat me vooral aangreep was de reden waarom het kind tot de wanhoopsdaad is overgegaan: pesterij. Indien het verhaal van de vader op waarheid berust, kwam de pesterij niet van leeftijds-, klas- of schoolgenoten, maar van leerkrachten. Uitgerekend van de personen aan wiens zorg het meisje was toevertrouwd, mensen die haar juist hadden moeten beschermen tegen pesterijen.
Het meisje dat een onvoldoende zou hebben gekregen werd in bijzijn van klasgenoten voor “dom”, uitgemaakt, aldus het verhaal van de vader. Het kind werd gedreigd met terugplaatsing naar de vijfde klas, en daar was ze als de dood zo bang voor. De leerkracht van de vijfde klas zou zelfs aan de juf van de zesde kas zijn gaan vragen of het meisje “nog dom was”. Al te vaak horen we dat de leerling centraal staat in het onderwijs. De praktijk wijst vaak anders uit wanneer er zich zaken voordoen in het nadeel van de pupillen. Leerkrachten die in de fout zijn gegaan, worden de hand boven het hoofd gehouden.
Verhalen over leerlingen en studenten die bij de puntenwaardering voor vakken opzettelijk benadeeld worden door leerkrachten zijn niet van deze tijd. Echter trekken deze leerlingen en hun ouders meestal aan het kortste eind wanneer deze misstanden aan de kaak worden gesteld. Het is de hoogste tijd dat er resoluut een einde wordt gemaakt aan de walgelijke zaken die zich in het onderwijs voordoen. Onderwijsminister Marie Levens heeft dinsdag condoleances aan de nabestaanden van het overleden kind aangeboden. “Deze trieste aangelegenheid heeft onze volle aandacht en wij werken samen met de politie om het probleem op te lossen”, zei de bewindsvrouw.
Ze voegde eraan toe dat daarbij de totale gemeenschap nodig is. Levens zegt een beroep te zullen doen op ngo’s en religieuze organisaties “om ons te helpen met dit groot maatschappelijk probleem, zoals dat zich heeft voorgedaan in Nickerie”. Nou heb ik niet kunnen destilleren uit haar mededeling wat ze met ‘het probleem’ bedoelde. Het probleem voor de nabestaanden is dat hun kind, dochter, zus, nicht is overleden. Dat probleem kan dus niet opgelost worden. De twee andere problemen in dit concreet geval zijn zelfmoord en pesterij. Voor welke van deze problemen wil de minister ngo’s en religieuze organisaties inzetten bij het zoeken naar een oplossing?
Het ware dus beter als de minister het beestje bij de naam had genoemd en het vraagstuk waarop zij doelde helder had benoemd. Wat mij betreft kan de aandacht die de minister aan deze kwestie geeft maar één uitkomst hebben, mocht onderzoek het verhaal van de vader bevestigen: verwijdering uit het onderwijs van de betrokken leerkrachten. Zo kan voorkomen worden dat zij weer slachtoffers maken. Er dienen harde voorbeelden gesteld te worden. Bescherming van onze kinderen in het onderwijs en vooral van hun leerkrachten moet eindelijk tot prioriteit verheven worden. Hopelijk krijgt de samenleving het resultaat van de aandacht die minister Levens aan dit geval geeft ook te horen.
ivancairo@yahoo.com
  Tweet
 
Gerelateerde artikelen

………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname