COLUMN: Evaluatie

02/11/2020 14:00 – Von Zeggen

Giwani Zeggen  
De eerste drie maanden van de regering-Santokhi/Brunswijk zijn voorbij. Het lijken soms wel drie jaar. Zoveel is er de voorbije dertien weken gebeurd. Het is niet allemaal vlekkeloos verlopen, gaf president Santokhi zelf toe na de regeringsevaluatie zaterdag in Moengotapoe. Aan de andere kant is er op de drie prioriteitsgebieden wel vooruitgang geboekt, zegt het staatshoofd: Covid-19, de stappen richting het beheersbaar maken van de financiële crisis en het aanpakken van de armoede in Suriname.
Persoonlijk vind ik drie maanden tekort om het beleid van een regering te beoordelen. De kritiek over de benoemingen heeft in die zin niks met beleid te maken. Als een benoeming verkeerd is, maakt het niet uit hoeveel dagen een regering zit. Fout is fout en dan moet dat benoemd worden, lijkt mij. Dat is de voorbije weken dan ook vaker gedaan. De rest van de kritiek heeft vooral te maken met de maatregelen die worden getroffen om het financiële plaatje op orde te krijgen. Die doen pijn. Dat snapt iedere koe van zondag. Alleen zie ik voor de korte termijn geen andere mogelijkheid.
Ergens in mei schreef ik al dat u op 25 mei de keuze moest maken onder wiens leiding u de komende jaren zou willen pinaren. Want dat we zouden pinaren, stond voor mij als een paal boven water. Ook de Vereniging van Economisten in Suriname heeft ons ervoor gewaarschuwd. Dat politici in verkiezingstijd een net iets rooskleuriger beeld scheppen, ligt mede aan u. ‘Wij’ houden niet van de waarheid. Willen geen doemscenario’s voorgeschoteld krijgen. ‘Wij’ vinden het leuk als politici ons vertellen dat het allemaal niet zo erg is en goed komt.
Op de korte termijn zie ik dus geen andere optie voor de regering dan het geld bij ons te halen. Dan hoor ik critici zeggen dat het geld gehaald moet worden bij ‘zij’ die gestolen hebben. Leuk verhaal, zie je daar heb je het weer, vóór verkiezingstijd. Iedere koe van zondag weet echter dat een regering geen mensen opsluit en noch minder uit het niets beslag kan leggen op het geld van personen die zich al dan niet via corruptie hebben verrijkt. Daar moet je in een rechtstaat de juridische wegen voor bewandelen. En dat kan jaren duren. Alleen zijn de financiële problemen nu. En die vragen dus niet volgende week om een antwoord.
In ieder geval ben ik blij dat de procureur-generaal nu alle medewerking krijgt bij het onderzoeken van corruptie. En niet alleen met de mond, ook institutioneel wordt het Openbaar Ministerie versterkt. De pg hoeft zich wat mij betreft niet te beperken tot de periode 2015-2020. Ook in het kabinet-Bouterse I zou er een hoop verkeerd zijn gegaan. Dat moet ook onderzocht worden. En waarom daar stoppen? Het OM mag van mij zover teruggaan als de wet ruimte laat. Want corruptie is corruptie, ongeacht van welke partij de pleger lid is. Ondertussen zullen ‘wij’ de rekening moeten betalen.
Het enige waar ik op hoop, is dat de regering bij het treffen van de maatregelen ervoor zorgt dat de mensen onderaan de maatschappelijke ladder, niet weer het kind van de rekening worden. Die hebben het al zo moeilijk en worden vaak dubbel zo hard geraakt door de effecten van bezuinigingsmaatregelen. Een vijftig Surinaamse dollar aan extra kosten voor een leerkracht, weegt veel zwaarder voor hem of haar dan een extra tienduizend Surinaamse dollar aan kosten voor de miljonair.
giwani@hotmail.com
  Tweet
 
Gerelateerde artikelen

………… (DWT)


Lees verder

Bron: De Ware Tijd Suriname