Premier Rutte: Een Gemenebestrelatie met Suriname?

Het bezoek van premier Mark Rutte resulteert in een intensieve samenwerking, dat zulks gekenmerkt en bekend staat als de Commonwealth in de voormalige Engelse koloniën van de vorige eeuw. Tal van landen met een Gemenebestrelatie hebben grote welvaart, welzijn en politieke stabiliteit gebracht, zoals welvarende staten als Singapore en Maleisië. President Santokhi zal alle zeilen bijzetten om de steeds afglijdende economie van Suriname van de ondergang te redden door een pact met Nederland (EU) aan te gaan.

PlichtsbesefTerugkijkend op de zevenenveertig jaar onafhankelijkheid heeft Suriname geen waarachtige soevereiniteit gekend en vraagt om rigoureuze ommekeer van zaken die het land ten goede keren en voorspoed kunnen brengen. Vanwege de historische band en het recht op volwaardige ontwikkeling van welvaart en democratie, zoals vermeld in het VN- handvest 1514 ex koloniën, heeft Nederland mede hier een taakstelling. Doelend op deze verplichting wordt een Gemenebest statuut tussen de beide landen vastgelegd, waarin de intensieve samenwerking wordt geformaliseerd op het gebied van economie, onderwijs, bestuur, defensie, democratie, sport, duurzaamheid en nog meer.Lege staatskasMet de enorme schuldenberg en een lege staatskas is het bijna een onmogelijke opgave voor regering Santokhi om beloftes aan het volk in te lossen en tegelijkertijd de bijna vergane natie van de ondergang te redden. Door de wereldwijde recessie is het onontkoombaar dat ook Suriname in een diepe crisis belandt, met grote economische als rechtsstatelijke consequenties. Een verval van een jonge kwetsbare staat leidt onherroepelijk tot uitholling van democratische waarden. Ondanks de vele bodemschatten en een kleine bevolking, lukt het jonge Suriname niet enige mate van economische stabiliteit te realiseren. Onvoldoende expertise op zelfbeschikking en sinds de onafhankelijkheid in 1975 kent de Surinaamse economie louter tragedies.

LubbersplanReeds in 1991 heeft de toenmalige premier Ruud Rubbers gepleit voor een Gemenebestrelatie met Suriname, maar destijds lieten de toenmalige Surinaamse politieke machthebbers het afweten en het gewin van het volk voorbij laten gaan ten gunste van eigen opportunisme.

Het aanbod van premier Rutte wordt gezien als schadeloosstelling van driehonderd jaar kolonisatie. Deze confederatie Paramaribo en Den Haag gaat samen de verantwoordelijkheid dragen op essentiële gebieden zoals het buitenlands beleid, defensie, justitie, monetaire en economische zaken, dat door beide parlementen van landen wordt geratificeerd.Een Gemenebestrelatie van Suriname met Nederland kent alleen maar voordelen voor beide partijen, het is een win-winsituatie.

Suriname sluit zich aan bij een groot handelsblok EU met ongekende mogelijkheden om producten af te zetten. Ook het gebruikmaken van innovatieve technologieën op diverse terreinen, zoals landbouw, mijnbouw (olie en gas) levert gigantische voordelen op. Ook de gebieden onderwijs en gezondheidszorg leveren elkaar veel voordelen op. En ook op vele andere terreinen. Nederlandse bedrijven investeren in Suriname vanwege het overvloed aan grondstoffen en maken Suriname een hub op het Zuid-Amerikaanse continent voor de distributie van hun producten. De aardgasvoorraden van Suriname kan de huidige tragedie in Nederland( EU), vanwege gastekorten, enige soelaas bieden.

Monetaire unieEen enorme toegift in het Lubbersplan destijds was het vormen van een muntunie tussen beide landen. Hetgeen heden ten dage zou betekenen dat de euro wordt ingevoerd als munt in Suriname. Men wilde middels de muntunie internationale investeerders aantrekken om de economie te stabiliseren. Economen waren ervan overtuigd dat een monetaire unie de belangrijkste factor was om problemen, waaronder destijds de alsmaar toenemende devaluatie van Surinaamse gulden toen, een halt toe te roepen en onder controle wordt gebracht. Heden ten dage is het een zegen voor de steeds verdere afwaardering van de SRD.

ReddingsboeiRutte’s plan beslecht hiermee het historische leed van driehonderd jaar kolonisatie en past in de hedendaagse beschaving van moreel fatsoen, het noodlijdend Surinaamse volk ( ex-kolonie) te redden in deze barre economische omstandigheden. Rutte committeert zich aan het ontwikkelingsbeleid, zoals dat in VN-verband is afgesproken en wendt een deel van het jaarlijkse budget van ± 5 miljard Nederlandse ontwikkelingsgelden (0,7% BBP) aan voor het implementeren van deze gemenebestconfederatie. Het is een erkentelijke ondersteuning voor welvaart en welzijn in Suriname die bijdraagt aan een betere wereld.

David Dewdath