OPINIE: Het zwijgen heet nu ‘persstilte’

De regering en de leiding van SLM hebben eenzijdige ‘persstilte’ ingelast, zo werd dit weekend bekend. Vrijwel iedereen vraagt zich af wat er nu verandert, want over het reilen en zeilen bij de noodlijdende maatschappij deden de autoriteiten toch al tijden nauwelijks mededelingen. Zoals men binnen de regering ook hardnekkig de kaken stijf op elkaar houdt over veel andere zaken. Maar dit zwijgen wordt nu dus ‘persstilte’ genoemd.
Tekst Armand Snijders
Dat er een ‘persstilte’ is ingelast rond SLM, daar zal geen mediawerker echt wakker van liggen. Sinds het aantreden van de Nederlandse directeur Paul de Haan ruim een jaar geleden is de communicatie vanuit het bedrijf nagenoeg stilgevallen. Daar kon zelfs de in februari heimelijk voor een maand aangetrokken communicatieadviseur Hennah Draaibaar niets aan veranderen. Maar veel journalisten komen op een andere manier toch wel aan hun informatie, veelal door ontevreden personeelsleden. ‘Persstilte’ of niet.
Maar wat is een ‘persstilte’ eigenlijk precies? De Dikke van Dale kent het woord niet eens. Als het wel had bestaan zou het in het woordenboek tussen ‘persstem’ (‘uiting van de pers’) en ‘persstop’ (‘het (tijdelijk) niet langer informeren van de pers’) hebben gestaan. Dat laatste is enigszins vergelijkbaar met ‘persstilte’, al vinden de meeste journalisten dit gewoon een ‘persboycot’, ook een woord dat niet in de Dikke van Dale voorkomt, maar in Suriname wel bestaat.

“Deze regering heeft de ‘persstilte’ inmiddels tot haar handelsmerk gemaakt, vooral bij heikele kwesties”

De regering en daar aan gelieerde instanties willen dat uiteraard niet zo noemen omdat het zo negatief klinkt. Dan klinkt ‘persstilte’ een stuk vriendelijker, meer sereen. Terwijl het in de praktijk op hetzelfde neerkomt. Deze regering heeft de ‘persstilte’ inmiddels tot haar handelsmerk gemaakt, vooral bij heikele kwesties, terwijl president Chandrikapersad Santokhi kort vóór en na zijn inauguratie nog zo verzekerde dat transparantie en openheid hoog in het vaandel van het nieuwe regeerteam zouden staan.
Al snel werd duidelijk dat dit alleen mooie, maar wel holle woorden n: media moeten vandaag de dag vaak smeken om een reactie of toelichting van een regeringsvertegenwoordiger. En die geeft alleen antwoord als het hem of haar goed uitkomt.
Favoriete programma
Het ging eigenlijk al direct na het aantreden van Santokhi mis: het staatshoofd verscheen uitgebreid in zijn favoriete programma ‘To the Point’ op Apintie TV om vast een flinke tip van de sluier te lichten over zijn plannen. Dat n zaken die iedereen in het land aangingen, dus dan zou je ook mogen verwachten dat hij dat zo breed mogelijk presenteert. Maar alle andere media werden dus uitgesloten.
Hij koos ervoor om zijn verhaal te doen in een programma waarvan hij vooraf wist dat hij niet al te kritische vragen zou krijgen. Immers, de presentator, Wayne Telgt, is door de regering benoemd tot general manager van het Zorghotel. Dus die laat het wel uit zijn hoofd om zijn indirecte ‘broodheer’ het vuur na aan de schenen te leggen. En zo zoekt Santokhi altijd de progamma’s op waar hij niets te vrezen heeft: hij schuift regelmatig aan bij zijn eigen adviseur Faried Pierkhan bij RBN en in de vele overheidsprogramma’s.
Van de persconferenties die hij met zijn regering regelmatig zou geven, is uiteindelijk ook heel weinig terechtgekomen. En als er al één was, dan was het meestal een door de CDS gecensureerd eenrichtingsverkeer, waarbij regeringsvertegenwoordigers heel lang mogen wauwelen en journalisten weinig tijd en ruimte krijgen om kritische vragen te stellen. En als ze daartoe wel de kans krijgen, dan wordt daar domweg niet of niet afdoende op gereageerd. Of de journalisten worden afgesnauwd, meestal door vicepresident Ronnie Brunswijk. En gezien zijn laatste misdragingen, is dat afsnauwen nog het minst erge.

“Dus het is nu aan Santokhi om de religieuze vrede in het land te ben en tegelijkertijd het gezicht van Suriname in het buitenland te redden”

Kluitje in het riet
Elke keer weer worden journalisten, en dus ook de samenleving, door regeringsleden met een kluitje in het riet gestuurd. Zeer recente voorbeelden zijn de optredens van minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking: zowel over zijn omstreden plan om een ambassade in Jeruzalem te openen als over de minimaal twee miljard US dollar die de regering in Italië wilde lenen, gaf hij achteraf zeer summiere antwoorden, die alleen maar meer vragen opriepen.
Hij had nog gezegd dat hij na terugkeer uit de Verenigde Staten wel tekst en uitleg zou geven, in ieder geval over dat ambassade-drama. Tijdens een persconferentie zaterdag schoof hij die kwestie opeens door naar de president. “We zullen een gedegen rapport presenteren aan de president die dan verder richting zal geven aan dit vraagstuk.”
Onder de mat vegen
Dus het is nu aan Santokhi om …