G20-top: Caricom werkt aan uitvoering stappenplan

“Voedsel mag geen luxeartikel worden en moet er alles aan gedaan worden om te voorkomen dat voedselzekerheidsuitdagingen aanleiding geven tot toekomstige conflicten of slagvelden, aangezien het aantal vruchtbare landbouwgronden afneemt, mede door klimaatverandering.” Dat zei minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking op de G20-top in Bali. Hij heeft de toespraak namens de Caricom-voorzitter, president Chan Santokhi, gehouden.President Santokhi is niet afgereisd naar Bali, omdat de ontwikkelingen in eigen land hem dat verhinderden. Gegevens uit de laatste publicatie van het Report on the State of Food and Nutrition Security (SOFI), in 2021, concluderen dat voedselonzekerheid 40 procent van de mensen in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied trof; dit was 10% meer dan voor de rest van de wereld. Dit wordt nog verergerd door de stijgende inflatie in het hele Gewest, de tekorten aan kunstmest en de inefficiënte distributie en de voortdurende stijging van de rentevoeten bieden geen enkele vorm van troost aan potentiële investeerders in de sector.Aangezien dit niet duurzaam is, is het volgens de Caricom-voorzitter van cruciaal belang dat alle landen en de IFI’s (initiatiefgroep financiering infrastructuur) zich ertoe verbinden een specifiek wereldwijd actieplan te ontwikkelen om herstel en groei op het gebied van voedselzekerheid, klimaat, landbouwinnovatie en duurzame productiviteitsgroei te beheren en te stimuleren. Deze thema’s zijn met elkaar verbonden en daarom zullen geïsoleerde oplossingen nooit volstaan. “Er moet een meer geïntegreerd, doeltreffend en alomvattend mechanisme voor technische en financiële bijstand worden aangenomen.”In zijn toespraak stelt de Caricom-voorzitter dat de Caricom-regio een alomvattend antwoord en stappenplan heeft ontwikkeld om de uitdagingen aan te gaan en de landbouwsector in de regio te laten groeien. Het ’25 tegen 2025′ programma is gericht op het verminderen van de voedselimportrekening van de regio met 25% tegen het jaar 2025.Ook voor de energiezekerheid heeft de Caricom een eigen agenda om ervoor te zorgen dat energiediensten beschikbaar, betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam zijn voor de burgers. Het regionaal beleid is om inheemse energiebronnen te optimaliseren om de duurzame ontwikkeling van de regio te stimuleren met een weloverwogen mix van traditionele en hernieuwbare energiebronnen.Het Gewest is niet immuun voor internationale economische en politieke ontwikkelingen. De geopolitiek van energie die vraag en aanbod beïnvloedt, ondermijnt een post-pandemisch economisch herstel en creëert meer armoede over de hele wereld door stijgende grondstoffenprijzen, stijgende inflatie, hogere toeleveringsketenkosten, verergerd door de hoge schuldenlast in veel van de lidstaten. De Caribische regio zet zich in voor de transformatie naar koolstofvrije economieën. Het probleem hierbij i de financiering van de energietransitie.Er is behoefte aan innovatieve financieringsmechanismen die passend, betaalbaar en toegankelijk zijn voor de kleine energiemarkten in de Caricom, zoals het Caribbean Resilience Fund. “We verwachten ook dat de Caricom-energieproducenten niet anders behandeld zullen worden dan de huidige energieproducenten. Dat zou niet alleen oneerlijk en onrechtvaardig zijn, maar ook de verheffing van deze opkomende economieën in de weg staan.”